forum
"God heeft geen 'betaling' nodig om te vergeven"
Mee eens
Niet mee eens
Geen mening
Stem
Vorige forums
Voorpublicatie van het eerste hoofdstuk uit 'Ik zie een leger'

Floyd McClung gelooft in eenvoud


Deze maand verschijnt het boek Ik zie een leger van Floyd McClung. De evangelist is kritisch over de westerse kerk, maar leeft tegelijkertijd met het vertrouwen dat God aan de kerk bouwt. Op deze pagina vindt u een voorpublicatie van het inleidende hoofdstuk.

Door Floyd McClung


Floyd McClung gelooft in eenvoud Ik geloof in de kerk, maar ik meen ook dat ze in een crisis verkeert. En als je een crisis op wilt lossen, zul je eerst moeten zien dat verandering noodzakelijk is. Je hoeft geen wetenschapper te zijn om vast te stellen dat de kerk in het Westen niet langer groeit en dat ze geen kracht meer heeft om een geestelijke verandering teweeg te brengen in de cultuur om haar heen. Dat is een crisis.
Mensen buiten de kerk zijn wel degelijk geïnteresseerd in Jezus, maar niet in zijn bruid. Jammer genoeg zien zij het evangelie en het instituut ‘kerk’ als onlosmakelijk aan elkaar verbonden. In veel landen zijn er mega­kerken die wel degelijk groeien, en die om Gods volk te helpen veel goeds doen. Kerken als Hillsongs in Australië en Engeland, Saddleback en Willow Creek in de VS en Harvest Church in Zuid Afrika zijn geweldige geloofsgemeenschappen. Ik ben ervan overtuigd dat er een plaats is voor deze kerken.
Maar de omvang en het aantal van dergelijke kerken kan een heel verkeerde indruk wekken, als we niet oppassen. Het algemene beeld is dat in de hele westerse samenleving het aantal mensen dat een kerk bezoekt in snel tempo is afgenomen, waar megakerken zowel in omvang als in aantal en invloed zijn gegroeid. Met andere woorden: er gaan minder mensen naar de kerk en van de mensen die wel gaan bezoekt de meerderheid een grote kerk.
Deze verschuiving heeft geleid tot een verlies van invloed op de cultuur. In het Westen is de kerk niet langer de vormgever van de maatschappij die zij was.

Ik heb een overtuiging: de invulling die wij van oudsher aan kerk-zijn geven, heeft voor de overgrote meerderheid van de mensen die niet meer bij een kerk zijn aangesloten geen enkele relevantie meer. Misschien is één van de redenen wel dat we er heel veel tijd en energie in steken om dat ene uurtje op zondag aantrekkelijk te maken voor mensen die gered zijn, zonder ervoor te zorgen dat diezelfde mensen weten hoe zij zelf de kerk in de wereld kunnen zijn.
Is Jezus gestorven zodat wij steeds grotere kerkgebouwen konden bouwen en steeds fraaiere folders zouden drukken? Of stierf hij voor een volk dat zich zo in hem zou verliezen, dat het zijn passie zou delen om de wereld in te trekken en steeds meer volgelingen van Jezus te winnen en bijeen te brengen?
Niemand is bereid zijn leven te geven voor iets dat niet meer is dan een op zondagen en kerkgebouwen gericht christendom. Mensen geven alleen hun leven voor iets dat groter is dan henzelf en verder reikt dan de muren van het gebouw waarin zij kerken. God heeft ons gemaakt met een behoefte aan iets dat zo veelomvattend is, dat het invloed heeft op alles wat ons lief en dierbaar is en alles wat wij geloven. Hij zette ons op deze planeet om er heerschappij over te voeren. Alleen een droom die een grote uitdaging inhoudt, en een groot appèl doet op de bereidheid van mensen zich eraan toe te wijden, zal zo tot de verbeelding kunnen spreken dat zij hun leven willen inzetten om de wereld aan de voeten van Jezus te brengen.

Terwijl wij een crisis hebben, wat betreft de relevantie van de Westerse kerk, is er een spirituele revolutie gaande in de rest van de wereld. Miljoenen mensen komen bijeen in kleine huiskerken in China, India, Centraal Azië, en Zuid Amerika. Zonder het te weten breken zij met definities van kerk-zijn die ons in het Westen zo dierbaar zijn.
Zij hebben een boodschap voor het Westen: de kerk is geen instituut maar een leger. Zij richten zich niet op het hebben van plechtstatige godsdienstoefeningen in een speciaal religieus gebouw. Zij komen overal waar dat kan bijeen om Jezus’ woorden te bestuderen, te bidden en te aanbidden. Degenen die deelhebben aan deze revolutie menen het krachtigst te zijn als zij met twee of drie mensen bijeen komen, niet met twee- of drieduizend. En die kleinschalige bijeenkomsten zijn voor hen niet het doel van kerk-zijn, maar een manier om het verlangen dat meer mensen Jezus leren kennen te voeden en te verdiepen.
Deze volgelingen van Jezus, die over de hele wereld kerk-zijn beleven in kleine, eenvoudige, organische gemeenschappen, zijn ervan overtuigd dat Jezus door hen heen verdergaat met het werk waarmee hij tweeduizend jaar geleden begon. Zij vinden een specifieke aanstelling geen vereiste om voor te kunnen gaan. Zij beschouwen zich als geroepen, vanaf het moment dat zij ‘ja’ tegen Jezus zeiden en zijn van mening dat ze een bijbel nodig hebben, niet een bijbelschool. Wat hen betreft hoef je geen doctorandus in de theologie te zijn om te begrijpen wat Jezus bedoelde, toen hij zei: ‘Trek heel de wereld rond en maak aan ieder schepsel het goede nieuws bekend.’ Zij menen dat wat Jezus over kerk-zijn leerde en voordeed zo eenvoudig is dat iedereen het kan.

Wat Jezus over kerk-zijn onderwees, was zo eenvoudig dat iedereen het kan begrijpen. Hij gaf het voorbeeld van een gemeenschap van mannen en vrouwen die samen uitreiken naar de mensen om hen heen. Het model dat Jezus gaf en zijn onderwijs erover maakt dat ik het ‘Simple Church’ ben gaan noemen. Niet omdat ik denk dat het ene model beter is dan het andere, maar hoe ingewikkelder we onze invulling van kerk-zijn maken, des te moeilijker zal het te vermenigvuldigen zijn. Een ingewikkelde kerk is overweldigend en het is lastig je er deel van te voelen. Hoeveel mensen zijn er die zichzelf in staat achten een megakerk te starten of te leiden?
Het succesvol ‘kerk-zijn’ in het westen staat vaak haaks op een beweging waarin spontaan overal kleine kerkelijke gemeenschappen ontstaan. Anders gezegd: wij zijn goed in het bouwen van grote kerken, maar bereiken we daar veel mensen mee? Neil Cole zei het zo: ‘De meeste christenen vandaag de dag vragen zich af hoe ze verloren mensen bij Jezus moeten brengen. De sleutel voor kerken die vanzelf groeien, is Jezus te zijn voor verloren mensen.’

Kort iets over kerkmodellen: ik vind de inhoud van een model vele malen interessanter dan het model zelf. Ieder gemeente­groeimodel waarmee mensen gewonnen en bijeengebracht worden, en die hen volgelingen van Jezus maakt voldoet. Feit is alleen dat hoe groter en complexer een lokale gemeente wordt des te meer geld en menskracht het kost om één persoon tot Christus te leiden.
Het merendeel van mijn volwassen leven heb ik buiten de Verenigde Staten gewoond en gewerkt. Vier jaar lang reisde ik heel westelijk Indië door; ik heb achttien jaar in Europa gewoond, drie jaar in Afghanistan, en nu in Afrika. Ik heb zowel binnen als buiten de structuren van gevestigde kerken gewerkt. Ik ben voorganger geweest van een megakerk. Ik heb jarenlang gewerkt voor een van de snelst groeiende en meest dynamische en levendige zendingsorganisaties ter wereld. Momenteel ben ik betrokken bij een netwerk van bewegingen van waaruit over de hele wereld eenvoudige kerken ontstaan. Ik geef input in zo’n beweging, die eenvoudige kerken sticht in de townships van Zuid Afrika en mensen daarvoor traint. Mijn perspectief is er een van liefde en loyaliteit voor de kerk van Jezus Christus, niet een voorkeur voor een bepaald kerkmodel. Ik leef dan wel in Afrika, maar voel me intens betrokken bij de wereld. Er leven meer dan drie miljard mensen op deze planeet, die nog nooit iemand Jezus’ naam hebben horen noemen. Ik vraag me af waarom sommige mensen zijn naam keer op keer horen noemen, waar anderen hem nog niet eenmaal hebben gehoord? Duizenden bevolkingsgroepen zijn nog steeds niet met het goede nieuws over Gods genade bereikt. Armoede, corruptie, ziektes die voorkomen kunnen worden en hongersnood ruïneren naties en continenten. Ik wil een antwoord geven op die nood, op grond van Gods goedheid en geboden, in het bijzonder het laatste gebod om discipelen te maken in alle volken.

Mijn theologische overtuigingen? Ik geloof in de orthodoxie van een radicale gemeenschap van Jezus-volgers, die de effecten van onrecht wil verzachten en de liefde van de Vader wil uitdelen aan mensen die nog nooit begrepen hebben dat hij om hen geeft. Ik geloof dat de kerk van Jezus Christus de hoop voor de wereld is. Jezus zelf verkoos de kerk om zijn voortdurende, lijfelijke aanwezigheid in deze wereld te zijn. Ik geloof dat al het goede dat de kerk brengt, van Jezus en voor Jezus is.
Ik geloof dat God van iets heel groots droomt, maar ik geloof ook dat hij de wereld persoon voor persoon, familie voor familie, gemeenschap voor gemeenschap, verandert. Ik geloof in grote dromen en het kleine bouwen; één nieuwe ecclesia van gelovigen per keer. Ik geloof dat de effectiviteit van elke beweging die van blijvende invloed wil zijn, bepaald wordt door de mate waarin ze een discipelschapscultuur ontwikkelt die voortdurend mensen uitstuurt om het verlorene te bereiken.
Ik geloof dat de effectiviteit van elke beweging die van blijvende invloed wil zijn, bepaald wordt door de mate waarin ze een discipelschapscultuur ontwikkelt die voortdurend mensen uitstuurt om het verlorene te bereiken.
Ik wil wat ik geloof uitleven en doorgeven aan anderen zodat er, door Gods genade, in twee arme gemeenschappen van Kaapstad een beweging gaat ontstaan van eenvoudige kerken. Ik droom van een beweging van relevante kerken, die invloed heeft op ieder aspect van het leven van mensen. Ik droom van een atmosfeer van discipelschap waarin levens veranderen zodat de maatschappij waarin wij leven compleet verandert.

Ik heb mezelf een vraag gesteld, voordat ik dit boek schreef: wat zijn de belangrijkste levenslessen die ik geleerd heb en wil doorgeven als het gaat over kerk, leiderschap en zending? Ik heb daar diep over nagedacht en, uit alles wat ik bedacht, vijf fundamentele overtuigingen gedestilleerd. Deze vijf niet-onderhandelbare waarden fungeren als een richtsnoer voor de manier waarop ik het onderwijs van Jezus interpreteer, de vraag of ik bepaalde risico’s wel of niet aanga en voor de beslissingen die ik neem.
Ik heb jaren geleden geconcludeerd dat alle volgelingen van Jezus zijn onderwijs en de ingevingen van zijn Geest interpreteren aan de hand van een aantal innerlijke overtuigingen die, ten goede of ten kwade, richting geven aan hun leven. Dit zijn de vijf kernwaarden die mijn
leven richting geven:
•   Eenvoudig kerk-zijn
•   Moedig leiderschap
•   Doelbewuste gehoorzaamheid
•   Apostolische passie
•   Discipelen maken

Op de volgende bladzijden ga ik dieper op deze vijf kernwaarden in. En ik bid dat wat ik daarin ontvangen heb, jou zal inspireren en aanmoedigen om opnieuw na te denken over ‘kerk’ en dat je, al doende, zult merken hoe de Geest van God je kracht geeft en op de dorre beenderen van jouw dromen blaast.
Zijn kerk is een leger. Wij zien soms niets dan botten, maar als zijn Geest op de botten blaast, staat er een leger. Ik nodig je uit om met me mee op reis te gaan.

Floyd McClung, Kaapstad, 2007.

Dit is het inleidende hoofdstuk uit het boek 'Ik zie een leger - Kerk-zijn op een andere manier' (Highway Media, 287 blz., € 16,90).



Dit artikel maakt deel uit van het dossier De missionaire gemeente

Dit artikel is verschenen in CV·Koers februari 2008

Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel



Over CV-KoersAdverterenNieuwsbriefAbonnee wordenContact
© CV·Koers 2008

Inloggen:
e-mailadres:
wachtwoord:
Crisis in de economie
In den beginne
Evangelie en gnostiek
Vervolgde kerk