Verslaafde dak- en thuislozen uit de stad komen in de Achterhoek tot rust. Het dagboek van redacteur Sjoerd Wielenga, die als vrijwilliger meeliep bij Het Passion. 'Als ze hier griesmeelpudding krijgen, krijgen de meest rauwe mannen tranen in hun ogen.'
Maandag, 9.50 uur | aankomst
Hummelo blaakt onder de gloed van de behagelijke najaarszon. Het afwisselende landschap van de Achterhoek geniet nog even van de prachtige herfst voordat het zich klaarmaakt voor een misschien wel barre winter. De goudgele en geelrode bladeren zijn nog niet gevallen, op deze laatste oktoberdag. De bomen langs de oprijlaan naar de hoeve Het Passion geven me een warm welkom. Het erf ligt er gezellig en vredig bij. Maar hoe idyllisch alles ook lijkt, de werkelijkheid binnen de muren van de voormalige boerderij zal al snel heel wat rauwer blijken dan een toevallige voorbijganger zal vermoeden.
Hier komen daklozen rechtstreeks uit de stad – soms nog dronken of stoned – om enkele weken bij te komen en aan zichzelf te werken. Ik loop anderhalve dag mee met een paar vrijwilligers die een midweek met hen zullen optrekken. In mijn woonplaats Rotterdam zie ik regelmatig daklozen, maar meestal spreek ik hen niet. Best raar om helemaal naar Hummelo – of all places – te moeten afreizen om dat wel te doen.
10.00 uur | stoomcursus
Initiatiefnemers Piet en Heleen van Pelt heten ons welkom met koffie en koek. Deze week zijn er zes vrijwilligers: twee gepensioneerde echtparen en twee jonge meiden. We krijgen een stoomcursus hoe om te gaan met ‘de mannen’, zoals de gasten hier steevast genoemd worden. De meiden – die zich kleden volgens de dresscode van reformatorische christenen – wordt op het hart gedrukt ,,niet te naïef’’ te zijn. Er is nooit iets misgegaan, maar eerder vonden sommige mannen de korte rokjes van vrijwilligers wel aantrekkelijk. Neem de man die wel wilde bidden met een jonge vrouw. ,,Zou je dat ook gedaan hebben met een vrouw van 65?’’ had Heleen hem gevraagd. Nee, dat dan weer niet. Ook worden we voorbereid op soms heftige verhalen. Advies: luister, maar doe niet aan waarheidsvinding. Vrijwilligers zijn niet verantwoordelijk voor het helpen oplossen van problemen.
12.30 uur | zestien jaar in de bak
Tijd voor de lunch in de huiselijke ontmoetingsruimte, waar we met veel enthousiasme welkom worden geheten door de mannen. Ze zijn benieuwd met wie ze deze midweek gaan optrekken. Namen worden uit het hoofd geleerd en de eerste grappen vliegen al snel over tafel. Na het gebed (beëindigd met een luid en duidelijk gezamenlijk ‘amen!’) maak ik kennis met mijn tafelgenoten: een paar vrijwilligers en Dennis. Best een beetje spannend, want hoewel ik erg benieuwd ben naar zijn verhaal, weet ik niet of hij zomaar alles aan een wildvreemde wil vertellen. Als een van de vrijwilligers zegt dat ,,het toch wel fijn is om hier zo onderdak te hebben’’ reageert Dennis vriendelijk maar duidelijk: ,,Ja, maar ik zit hier niet voor niets. Ik zit hier om aan mezelf te werken, na zestien jaar in de gevangenis te hebben gezeten.’’ Ai. Eet smakelijk. Zestien jaar! Dat krijg je niet voor fout parkeren, zullen we maar zeggen.
13.30 – 14.30 uur | shampoo & cocaïne
Terwijl de vrijwilligers onderling bepalen wie wanneer kookt, schoonmaakt, in de moestuin werkt, afwast en tijdens de maaltijd bidt en uit de Bijbel leest, ga ik samen met fotograaf Eljee, de mannen en een begeleider van Ontmoeting naar de supermarkt voor persoonlijke inkopen. En dan kan het gebeuren dat iemand tijdens het vergelijken van verschillende shampoos en passant vertelt hoe hij als bolletjesslikker een tijd vast zat vanwege cocaïnehandel. Hij is een van de mensen die direct uit detentie naar Het Passion komen en niet meteen weer met lege handen op straat staan. Na de time-out krijgt hij verdere begeleiding van de reclassering.
16.15 uur | wortels schillen
Na het vaste koffiemoment bereiden de vrijwilligers de maaltijd voor. Terwijl Nel van de Riet (74) wortels schilt, vertelt ze dat ze hier al voor het vierde jaar is. ,,Het is leuk om echt contact met de mannen te hebben, bijvoorbeeld als we een spelletje doen. Maar dat lukt niet iedere keer. Vorig jaar waren de mannen nogal op zichzelf, toen sprak ik niemand.’’ Nel vertelt dat in het plantsoen tegenover haar huis in Eindhoven wel daklozen zitten. ,,Vroeger liep ik om hen heen, maar sinds Het Passion zie ik hen als ménsen.’’
Terwijl we praten óver daklozen, schiet Paul (22) me aan. ,,Meneer, wilt u ook weten hoe daklozen andere mensen zien?’’ Als we later in de zon op het erf zitten, leest hij zijn gedicht Zo zien ze mij voor. ‘Ik voel me vies en alleen en zij lopen zo over je heen. (…) Zonder enig warm gebaar slaap je in met kou en niemand om je heen.’ (Zie het kader voor het verhaal van Paul.)
17.30 uur | Hotel De Deurdicht
Mijn collega-vrijwilligers hebben inmiddels een heerlijke maaltijd gemaakt. Aan tafel is het gezellig. De mannen stellen me geïnteresseerd vragen en er ontstaat een gesprek over films en boeken. Ook wisselen ze ervaringen uit over het leven op straat én in comfortabele gevangenissen, dat Paul dan ook veelzeggend ‘Hotel De Deurdicht’ noemt. Na de maaltijd schieten de meeste mannen naar buiten om te roken. Vrijwilligers en enkele mannen ruimen op en doen de afwas. Aan mij de eer om met een mop de vloer te dweilen. Zonder al te veel succes. ,,Nee, Sjoerd. Zo doe je dat niet!’’ roept Randy – die als bolletjesslikker is opgepakt en jaren gevangen zat – lachend. ,,Laat mij het maar doen! Mijn oma’s die me op Curaçao hebben opgevoed, leerden me hoe je dat aanpakt.’’
Het gaat er hier familiair aan toe. Piet: ,,De nestwarmte prikkelt hen om een andere keus te maken. Als ze hier griesmeelpudding krijgen, krijgen de meest rauwe mannen tranen in hun ogen: dat is een déjà vu.''
19.00 uur | relaxte vakantie
De mannen trekken zich terug in de stilteruimte voor bijbelstudie onder leiding van een medewerker van Ontmoeting, waar ik niet bij mag zijn. Het is dus rustig in de ontmoetingsruimte als Lerta van de Vlugt (22) vertelt dat ze hier al voor de derde keer als vrijwilliger helpt. ,,De eerste keer vond ik het heel erg spannend om te doen, maar ook geweldig. Het geeft voldoening om iets voor anderen te doen én een relaxte vakantie te hebben. Het is bijzonder om contact te hebben met de dak- en thuislozen. Er hoeft maar iets kleins te gebeuren in je leven en het kan ook mij overkomen. God moet je echt de kracht geven om erdoorheen te gaan, want zonder Hem ben je niets. Daklozen komen er hier ook achter dat ze God nodig hebben en dat er iemand is op wie ze terug kunnen vallen.’’
20.00 uur | geestelijke strijd
Acht uur, dus het journaal gaat aan. En na het journaal worden er spelletjes gespeeld. Piet van Pelt vertelt me intussen hoe hij in 2003 als commercieel directeur plotseling werd ontslagen en thuis kwam te zitten. Hoe zuur ook, hij kon nu samen met Heleen een oude droom verwezenlijken: ,,Iets 'idioots' doen voor de samenleving.’’ Na een oriëntatieperiode van veel praten en bidden kwam hij in contact met de reformatorische stichting Ontmoeting. Of ze mee wilden helpen een time-outvoorziening te starten. Piet: ,,Ik zei: ‘Daklozen op mijn erf? Nu niet, dan niet en nooit niet.' Daklozen vond ik onbetrouwbaar en stinken. We wisten helemaal niets van die wereld. Maar als je al een tijd met lege handen loopt en bidt om Gods plan met je leven, dan was dit het antwoord wel.’’
Piet vertelt bevlogen over de 450 gasten die hij in die jaren voorbij heeft zien trekken. Lacht om grappige anekdotes, maar zit regelmatig ook met tranen in zijn ogen. Bijvoorbeeld als hij vertelt over de geestelijke strijd die zich voor zijn ogen afspeelt. ,,Hier wordt gestreden voor welk rijk de mannen behouden worden. Satan laat ze niet glippen.'' Sommige mannen zijn lid geworden van kerken in de regio. Maar het kan ook anders, weet Piet. Geëmotioneerd: ,,Er was hier ooit iemand die psalmen zong tijdens het schoonmaken. Maar op een gegeven moment kwam hij naar me toe en zei: 'Piet, ik vertrek. Ik heb de duivel toegelaten en dat voelt zo lekker!’’’
,,Ik heb hier geleerd – dat raakt me echt – dat we ook altijd terug mogen komen bij God, net als de mannen dat hier mogen. Ze zijn soms best vermoeiend. Maar onze Heiland heeft dit tot het oneindige doorstaan met mij en ons allemaal. Wij zijn arme bedelaars voor God. Ik zeg tegen de mannen als ze hier terugkomen: wij zijn even slecht als jij. Voor God maakt dat niet uit. Ik heb het Evangelie echt leren begrijpen door dit werk.''
Na nog een hapje, drankje en praatje gaan we naar bed. Morgen moeten we weer op tijd het ontbijt klaarmaken.
Dinsdag 10.30 uur | afscheid
Als ik om half elf – na het ontbijt en de koffie – afscheid neem, hebben de andere vrijwilligers nog een paar dagen voor de boeg. In de trein, terug naar huis, buitelen de verschillende verhalen en ervaringen door mijn hoofd. Bijzonder om te zien hoe mannen die op straat vaak hard en bedreigend overkomen, zich hier kwetsbaar opstellen. Nee, Het Passion is geen paradijs op aarde, zoveel is duidelijk. Maar toch. Mannen durven hier weer te dromen. Dit lijkt een plek van herstel en hoop. De herfstzon schijnt weldadig in Hummelo.
De namen Dennis, Paul en Randy zijn gefingeerd.
- - -
'Normaal draai ik altijd door'
Na een jeugd in een internaat raakt Paul (22) vanaf zijn achttiende dakloos. Doordat in zijn familie drugsgebruik normaal was, raakte hij ook verslaafd. Hij belandde op straat na drie inbraken en diefstal van het internaat.
,,Ik jatte twintigduizend euro aan PGB-geld en ging daarmee los in Amsterdam. Binnen een paar weken was het op aan drugs, gokken en zuipen. Toen ben ik verder naar de klote gegaan en gebruikte speed.’’ Na verschillende omzwervingen werd hij zeven maanden geleden wakker in een ziekenhuis. Uitgedroogd door speed. Weer op de been, sliep hij zo’n zes weken op station Almelo. Hij leest voor uit een zelfgeschreven gedicht: ‘Weinig hoop, slenterend door de stad met m’n ziel onder m’n arm. Zoekend naar een blik die me een goed gevoel geeft. Iemand die me ziet staan, blijven zoeken naar iets wat niet bestaat. Een plek zoals thuis.’ Zo’n thuis lijkt Paul in Het Passion gevonden te hebben. ,,Vanaf dag één zag ik dat hier vanuit het hart gewerkt wordt. In andere instellingen ben je meer een naamkaartje dan een persoon. Meestal is daar ook geen reet te doen. Ze kijken niet naar je om. Maar hier staan ze naast je in plaats van bóven je. Dat heeft met het geloof te maken. Ze doen hier superveel voor me. Ik kan altijd bij hen terecht.’’ Geëmotioneerd: ,,In één woord: super! Normaal draai ik altijd door in een instelling, maar hier niet.’’
,,Ik droom van een mooi ingerichte kamer waar ik hobby’s kan doen. En waar ik sociale contacten kan ontvangen in plaats van in de coffeeshop of de kroeg te zitten. Het lijkt me echt klote als ik hier weer weg moet.’’
‘Met één telefoontje zit ik weer in de criminaliteit'
Dennis kwam zeven maanden geleden via Ontmoeting in Epe bij Het Passion. Daarvoor zat hij gevangen omdat hij leidinggaf aan een criminele organisatie. Terwijl hij in de houtwerkplaats een kast maakt, vertelt hij zijn verhaal.
,,Toen ik op mijn zevende misdienaar was, begon de ellende. De kapelaan vond mij wel aardig. Later raakte ik verzeild in een internationaal pedonetwerk. Als kind ben ik letterlijk kapot geslagen. Zat opgesloten in douches. Mijn ouders lieten het toe. Ze kregen er geld voor; ze waren alcoholist. Door mijn jeugd had ik een tyfushekel aan mensen. Ik háátte ze. Eenmaal volwassen runde ik honderddertig horecabedrijven en hield me bezig met het witwassen van geld. Daarom moest ik zestien jaar zitten.''
,,Ik was eerder in Het Passion, maar viel al snel een maand lang weer terug. Ik werd in mijn oude wereld gezogen; direct stroomde het geld weer binnen en reed ik in een dure auto. Als geld op een duistere manier binnenkomt, ga je je ook duister gedragen. Satan zuigt je daar langzaam in.''
,,Elders word ik begeleid vanwege mijn posttraumatische stressstoornis. In dromen herbeleef ik alles. Ik heb de grafstenen van mijn daders doormidden staan trappen. Maar hier heb ik voor het eerst in dertig jaar kunnen huilen. Ik ben vaak depressief; het liefst sta ik niet meer op. Maar met God kom ik er. Dat weet ik zeker. Het Passion is een goddelijke speeltuin. Je leert hier veilig te spelen waardoor je geen kwetsuren oploopt. Doordat er hier gebeden en bijbelgelezen wordt, kun je proeven aan het geloof.''
,,Soms mis ik de oude wereld wel. Als ik moe ben van het strijden, denk ik: schijt aan alles en gaan met die banaan. Met één telefoontje zit ik weer in de criminaliteit. Maar mijn droom is om een goede vader te kunnen zijn voor mijn kind dat denkt dat papa al jaren op ‘het booreiland’ werkt. Ik zal ooit moeten vertellen dat ik zestien jaar gevangen zat.’’
Wat is Het Passion?
• Het Passion is een time-outvoorziening voor dak- en thuislozen. Hier kunnen ze reflecteren op hun leven, op hun eigen kamer in een schoon bed slapen en goed eten. Ze worden vierentwintig uur per dag professioneel begeleid door de reformatorische stichting Ontmoeting. Via werkvakanties helpen vrijwilligers bij activiteiten en ontspanning. Daarnaast zijn er ruim tachtig vaste vrijwilligers.
• Aanmeldingen verlopen via organisaties als de GGD's, Leger des Heils en De Hoop. De mannen verblijven zo’n zeven weken in Hummelo. Ongeveer 70 procent van de gasten stroomt positief uit: ze gaan niet terug naar hun oude leefomgeving en gewoontes. Toch valt volgens Piet van Pelt van die 70 procent het merendeel ooit weer terug. ,,Maar elke dag dat ze van straat zijn geweest is winst. En ze komen vaak – soms wel 6, 7, 8 keer – terug. En er wordt hier voor en met hen gebeden. Dat is niet in cijfers uit te drukken.''
• Zo'n 160 kerkelijke diaconieën dragen financieel bij aan Het Passion, dat geen subsidies ontvangt.
Bovendien zijn er 'Kompassienetwerken': voor mannen die na Hummelo weer vertrekken naar een andere plaats, regelt Het Passion een kerkelijke gemeente die onvoorwaardelijk naar hen omkijkt.



























Plaats reactie