forum
"Fors bezuinigen? Prima, maar niet op zorg!"
Mee eens
Niet mee eens
Geen mening
Stem
Vorige forums
Met zevenmijlslaarzen op reis door de Oude Wereld

Kom over en help ons!


kaders:
Blog en drieluik
Reizen om de wereldzee
Kuyper in citaten…
Waar liggen de roots van Europa, en wat kunnen we vandaag de dag leren van die wortels? Karel Smouter en Lotte Pen reisden langs de grenzen van de Oude Wereld, op jacht naar een nieuw visioen voor het oude Europa.

Door Karel Smouter


Kom over en help ons! Het is zeven uur ‘s ochtends, we hangen drie meter in de hoogte en wachten geduldig tot de Moldavische monteurs hun werk aan de wielen van onze trein hebben voltooid. De Roemeense conducteurs die ons naar de grens bij Ungheni brachten, worden vervangen door hun Moldavische collega’s. Zij dragen geen petten en hebben wel allemaal een peuk in de mond. Of we er ook één willen?
Nog slaperig van dertig uur treinen daagt plots het besef: we verlaten Europees terrein en rijden op nieuwe wielen en met een heuse stoomlocomotief Moldavisch grondgebied binnen. Achter ons ligt het Roemeense heuvelgebergte, sinds 1 januari 2007 het grensgebied van de Europese Unie (EU) en de wereld daarbuiten. Sinds die datum delen ook de Roemenen met ons één markt en straks wellicht één munt en één politieke lotsbestemming.
De wereld vóór de grens, dat is dus Europa. De ‘oude wereld’, zoals Amerikanen het graag mogen zeggen. Voor het verhaal van deze wereld moeten we de geschiedenisboeken in. We beginnen bij de oude Grieken.

Europa’s mythe
Over de oorsprong van Europa’s naam bestaat een aardig verhaal in de Griekse mythologie, verteld door de dichter Moschos, een tijdgenoot van Jezus. Europè is in deze mythe een bevallige, jonge vrouw: de dochter van een Aziaat (Agenor) en een Afrikaanse (Telephasa). Als prinses woonde zij in de kuststreek van het tegenwoordige Libanon. Op een nacht zag zij in een droom twee vrouwen om haar vechten: de ene vrouw herkende ze als ‘Azië’, de ander representeerde ‘het continent aan de overkant’. De dag erop plukte zij met haar vriendinnen bloemen aan het strand. Zoals zo vaak werd oppergod Zeus door de schoonheid van één van zijn stervelingen verleid. Om Europè te ontvoeren, nam hij de gedaante aan van een stier uit de kudde van haar vader en voerde haar mee in de richting van ‘de overzijde’ – het continent dat haar naam zou dragen. Zeus en zijn muze strandden op Kreta, waar zij al spoedig een ‘moeder van edele zonen’ zou worden.
De Tilburgse filosoof Gido Berns gebruikt deze oorsprongsmythe om in zijn boek Wij Europeanen een belangrijke karaktertrek van Europa aan de orde te stellen. Europa is zelf geen continent, maar een aanhangsel van Azië – een ‘kaap’, zogezegd. Alleen door haar vaderland en familie achter te laten en moedwillig te kiezen voor het ‘vreemde en onbekende’ aan de overzijde wordt Europè tot Europa. Het werelddeel dat we nu Europa noemen, zou evengoed kunnen worden beschreven als het product van zo’n reis naar een onbekend land.

Paulus in Europa
Een soortgelijke reis naar de overkant werd ondernomen door Paulus. Het moet een verademing geweest zijn voor de apostel: hij doolde al een tijd met zijn gevolg door Klein-Azië, maar werd telkens ‘door de Heilige Geest verhinderd’ om hier aan het werk te gaan. Ook wanneer hij noordwaarts trekt (richting het huidige Istanbul) wordt hem de loop verhinderd. In een nachtelijk visioen dat hij in de kuststad Troas ontvangt, blijkt waarom hij niet verder kwam. ,,Kom over en help ons!’’, klinkt het uit de mond van een Macedoniër, die hij aan de overkant ziet staan. Paulus weet wat hem te doen staat en gaat direct naar de overkant, om vanaf dan ook in Europa het Evangelie te verkondigen. Zijn reizen brengen hem naar de Areopagus en – als gevangene – voor keizer Nero.
De verhalen van Europè en Paulus hebben in elk geval dit met elkaar gemeen, dat beiden als immigranten vanuit Azië het tegenwoordige Europa binnenkwamen. De verhalen overlappen hier met de werkelijkheid. Zowel de Griekse wereld als het vroege christendom heeft zijn wortels in het antieke Midden-Oosten. Het complexe veelvoud aan volken en stammen die rond die tijd door Europa zwierven, werd eerst door Grieken en Romeinen en later door het christendom bijeengebracht én bijeengehouden. Zonder de Perzen geen Griekse denkers, zonder Paulus geen ‘gekerstend’ Europa.
De Europeanen hebben sinds Paulus’ reizen altijd iets missionairs over zich gehouden. We zijn ons nog altijd bewust van onze ‘beschavende’ rol in de wereld. Reizende monniken als Bonifatius en Franciscus van Assisi liepen zich de blaren op de voeten om overal in de Middeleeuwen over Jezus Christus te vertellen en te discussiëren. De kerken die in het centrum van iedere stad verrezen, zijn van al dit gereis de stille getuigen.
 
De angst van Kuyper
In de tijd van Abraham Kuyper, begin twintigste eeuw, zijn de twee strijdende vrouwen uit Azië en Europa waarmee de mythe van Moschos begon, nog altijd met elkaar in gevecht over de hegemonie in de wereld. In het eerste hoofdstuk van zijn boek (‘Het Aziatisch gevaar’) schetst Kuyper een wereld waarin Azië in opkomst is. Hij vreest voor een machtig Japan, voor een Aziatisch nationalisme (‘Azië voor de Aziaten!’) en voor de politieke islam.
Het zijn angsten die ons aan het begin van een nieuwe eeuw maar wat bekend voorkomen – denk aan de telkens terugkerende angstbeelden van een concurrerend China, Iran met een kernbom en de ‘islamisering’ van Europa. Kuyper sprak duidelijke taal:
 
,,Helder moet in heel Europa het oog geopend worden voor het gevaar dat ons vanuit een ontwakend Azië bedreigt. Zo ooit en zo ergens, dan moet het ‘regeren is vooruitzien’ hier zijn ernstige toepassing vinden. Voor ons en voor alle Europeesche mogendheden, die in Azië macht oefenen.’’
 
Kuypers vrees is de angst van een man die leefde in een wereld waarin kolonialisme voor velen nog een nobel streven was. In de vier eeuwen vóór Kuyper was Europa onbetwist heer en meester, in eigen huis en daarbuiten. Kuyper vreest dat de politieke speelkaarten opnieuw zullen worden geschud en de landkaarten opnieuw zullen worden getekend. ‘Indië verloren, rampspoed geboren’ – dat was het sentiment bij velen in die tijd. De missie van Europese landen in de wereld zou zo ten einde komen.
Kuyper kreeg gelijk én ongelijk, blijkt achteraf. Het gevaar dat Kuyper zo vreesde, zou zeven jaar nadat zijn boek was verschenen, uitmonden in de Eerste Wereldoorlog. Maar anders dan hij vermoedde, kwam het gevaar van binnen en niet van buiten Europa.
De ‘Europeesche mogendheden’ bonden in de Eerste Wereldoorlog vooral de strijd aan met elkaar. De Tweede Wereldoorlog is onder meer te beschouwen als een ‘afrekening’ met het vreemde, Joodse element dat de Europeanen vanuit Azië bereikt had. Kuyper omschreef het antisemitisme uit zijn tijd als ,,het verzet van den Arischen geest om nog langer in de tent van Sem te wonen’’.
Kuypers waarneming strookt met de fascinatie die veel nazi’s hadden voor de voorchristelijke heidense cultuur. Hitlers Derde Rijk was geen christelijk rijk, maar een terugkeer naar de oude krijgermoraal van de oude Germaanse grond.
 
Nooit voorbij
Op reis door Europa zien we overal dat de twee wereldoorlogen en de Koude Oorlog hun schaduw nog altijd over Europa werpen. In Berlijn verkopen handelaars op straat gasmaskers en Gestapopetten. De Berlijnse bioscopen vertoonden vorig jaar de eerste komedie over Hitler (Mein Führer). Het zijn speelse, haast luchtige knipogen naar het loodzware verleden dat deze stad kenmerkt.
Toch staat dit ‘losmaken’ van de geschiedenis in Berlijn tegenover het verleden dat nog in de straten hangt en misschien wel nooit voorbijgaat. De Duitsers hebben zich na de oorlog ontpopt als meesters van de collectieve herinnering. De zee van grijze zerken die in het midden van Berlijn geplaatst is (het monument voor de vermoorde Joden, ter grootte van acht voetbalvelden), zal de Berlijners vermoedelijk nog eeuwenlang blijven aanstaren.
Aan het eind van onze reis gekomen, in Yad Vashem – het Holocaustmuseum bij Jeruzalem – lopen we opnieuw door Europa, het gebied waar onze reis begon. De Holocaust is in ieder land gedocumenteerd met een eigen zaal. Bij het kindermonument horen we de namen voorlezen van de kinderen die in de oorlog zijn omgekomen. Klinkende Europese namen. Het voorlezen van de hele lijst duurt bijna drie volle jaren. Hitler en de zijnen namen de wapens op tegen de kinderen van Israël, met als doel Europa weer terug te voeren naar zijn prehistorische motieven.
 
Verenigd Europa
Na de Tweede Wereldoorlog leek het vanzelfsprekend voor even gedaan met de beschavende en missionaire pretenties van het ‘oude’ continent. Het was tijd voor een nieuw project, met ditmaal niet de ‘overzeese rijksdelen’, maar het herstel en behoud van onze eigen Europese beschaving als doel. De ‘zendingsdrang’ richtte zich in de jaren na de oorlog kortom vooral op interne kwesties: de wederopbouw van West-Europa en – later – de hereniging met Midden- en Oost-Europa.
Na de Marshallhulp was er een nieuw Masterplan nodig. In 1957 – dit jaar 50 jaar geleden – werd dit plan gevonden in de vorm van een Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, de EGKS. Door in één economische zone kolen en staal te gaan verhandelen zou welvaart en daardoor vrede binnen handbereik komen te liggen. Het was een eerste stap op weg naar een grotere en diepere eenheid, in culturele en geografische zin.
Meer dan door economisch gewin of de mogelijkheid van een open markt, werd Europa in de visie van de stichters gedragen door het besef dat de joods-christelijke waarden die op Europa’s bodem tot bloei gekomen waren, ook voor Europa’s toekomst onontbeerlijk zouden blijven.
 
Huis van de geschiedenis
Vijftig jaar na dato zijn de pleitbezorgers van de Europese gedachte vergrijsd en ook hun gedachtegoed lijkt aan vergrijzing en verval onderhevig. Volgens sommigen is Europa ‘klaar’, volgens anderen had de EU nooit mogen beginnen, terwijl weer anderen pleiten voor een strikt economische samenwerking.
Tegelijk met de westerse Euroscepsis beginnen er dagelijks jonge West-Afrikanen aan het waagstuk van hun leven, wanneer ze in wankele bootjes de Europese kust proberen te bereiken. Niet lang na het Nederlandse ‘nee’ en het Franse ‘non’ tegen de grondwet stroomden de straten van Boekarest en Sofia op 1 januari 2007 vol met feestende mensen. Eindelijk zijn wij weer Europeanen, zo hoorden ook wij soms uit de mond van jonge mensen in Polen en Roemenië… Natuurlijk – puur economische motieven zijn deze landen niet vreemd. Maar toch, wanneer we de nauwe straten, de donkerbruine herbergen en de eethuizen van steden als Krakow en Sibiu doorkruisen, wordt één ding ons duidelijk: dit is onmiskenbaar deel van Europa en hoort op geen enkele manier bij de Aziatische machten die in de geschiedenis vaak over deze streken de scepter zwaaiden.
De stroomversnelling waarin het uitbreidingsproces is terechtgekomen, vraagt in de landen waarin de EU ooit ontstaan is hoe dan ook om bezinning en heroriëntatie. Waar komt de Europese crisis vandaan?
 
Misschien ligt een deel van de oorzaak van Europa’s identiteitscrisis in het karakter van Europa als ‘huis van de geschiedenis’. Voor de bewoners van dat huis lijkt alles verleden tijd: we zijn immers postmodern, postmaterialistisch en postkoloniaal.
Vlakbij het geboortehuis van de Poolse dichter Adam Zagajewski – in Krakow – lees ik in een artikel van zijn hand een treffende schets van Europa’s identiteitscrisis: ,,De Unie is gebouwd op wat ooit het liberalisme van de angst heette: de wens om oorlog, hongersnood, fascisme, nationalisme en andere rampen te voorkomen. De EU is gebouwd op een negatieve impuls. (…) Misschien ontbreekt het de Unie aan de fabuleuze energie van een mars naar het onbekende, het blinde vertrouwen van pioniers in een nieuw gebied.’’
Na de oorlog was duidelijk wat er te gebeuren stond: de wederopbouw van het Westen, en later de vereniging tussen Oost en West, slokte alle aandacht op. Wat zou de nieuwe culturele, historische missie van Europa kunnen zijn, die aan ons continent weer zin, betekenis en elan kan schenken?
 
De enige rotssteen?
Weer thuis, na vijf weken reizen, probeer ik grip te krijgen op de herkomst en toekomst van ons continent. De boeken die mee waren op reis, gaan één voor één weer open. Dan valt mijn oog op een in glas gegoten kaartje in de kast van mijn studeerkamer, met daarop een prent van Groen van Prinsterer, Kuypers grote leermeester. Onder het portret staat een tekst, die misschien de weg naar een antwoord kan wijzen:
 
,,Uit overtuiging een Christen, beweer ik dat de verloochening van het Evangelie de oorzaak is en blijft der onheilen, waardoor Europa wordt geteisterd. Het Evangelie is de enige rotssteen, waarop het heil van volken, staten of personen kan worden gebouwd.’’
(Groen van Prinsterer)
 
Op onze reis legden we dezelfde weg af als ooit het Evangelie in Europa, maar dan in omgekeerde richting – van Noordwest-Europa terug naar Jeruzalem. Als ons iets zal bijblijven van onze reis, dan is het wel de visie en daadkracht van de mensen die de vlam van het Evangelie hebben aangewakkerd. We zagen in Damascus de plaats waar Paulus in een mandje over de muur werd getild om zijn belagers te ontvluchten, en zagen de Cappadocische kerken en kloosters die in grotten gebouwd werden, als vluchtplaats voor de islamisering van Turkije.
Europa heeft vele vruchten voortgebracht, maar de wortels van de bomen waaraan deze vruchten gegroeid zijn, liggen elders. Als Europa zijn wortels doorsnijdt, drijft de kaap waarop we wonen de zee in. We belanden dan in ons voorchristelijke verleden, vol machtsmisbruik en geweld, of in het Aziatisch-Amerikaanse hyperkapitalisme dat ons omringt.
Belangrijker dan de vraag of de ‘joods-christelijke’ achtergrond van Europa wel genoemd wordt in een grondwettelijk verdrag, is de vraag of Christus in Europa ook de toekomst weer mag uitmaken. Zou het zo kunnen zijn dat de oude man die Europa geworden is, zich nog eenmaal uitstrekt en dat zijn inwoners de wereld op een bescheiden manier de weg wijzen?
 
Om dit te bereiken zullen we van onze oudheid onze kracht moeten maken, in plaats van onze zwakte. We moeten telkens op zoek gaan naar een creatieve verbinding tussen dat wat geweest is en dat wat gaat komen. Precies dat zagen we onderweg overal op kleine schaal gebeuren.
Daarover meer in deel 2 en 3 van dit drieluik.
 
Dit is deel 1 van een drieluik. In het volgende deel laten we Europeanen, Russen en Turken aan het woord over de toekomst van Europa en de EU. Deel 3 gaat over de plaats van Europa in de wereld, in het bijzonder in het Midden-Oosten.



Dit artikel maakt deel uit van het dossier Europa

Dit artikel is verschenen in CV·Koers oktober 2007

Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel



AdverterenNieuwsbriefAbonnee wordenContact
© cv·koers 2010

inloggen
e-mailadres:
wachtwoord:
cv•extra dossiers
40 jaar cv•koers
Kerk en postchristendom
In den beginne
De multiculturele samenleving