forum
"Fors bezuinigen? Prima, maar niet op zorg!"
Mee eens
Niet mee eens
Geen mening
Stem
Vorige forums
Jos Douma en Johan ter Beek in discussie over experimentele kerkvormen

Kerk in een nieuwe cultuur


kaders:
Negen kenmerken van de Emerging Church
Sites
Na een reeks impressies van experimentele kerkstichtingen maken we de voorlopige balans op. Welke kant moet het op met de kerk in de 21ste eeuw? Johan ter Beek, stichter van een ‘emerging church’ in gesprek met gemeentepredikant Jos Douma.

Door Karel Smouter


Kerk in een nieuwe cultuur Stelt u zich voor: een ontspannen gesprek waarin wordt gezapt van het postmoderne levensgevoel naar de preken van U2-zanger Bono, van de persoon van Christus naar vragen over het wezen van de christelijke gemeente. Van Psalmen voor Nu naar zorgen voor later. En waarin met de regelmaat van de klok woorden vallen als ‘relevantie’, ‘verbeelding’ en ‘narrativiteit’.
Een kleine kring insiders weet dan dat de Emerging Church onderwerp van gesprek is. Het begrip zoemt al een tijd rond in christelijk Nederland, naast termen als gemeentestichting, fresh expressions en contextualisatie. De term maakt deel uit van een bredere zoektocht in het westerse protestantisme, met als centrale vraag hoe het door de eeuwen heen overgeleverde christelijke geloof op een prikkelende en relevante manier opnieuw aansluiting kan vinden bij de omringende cultuur.
CV•Koers onderzocht deze ontwikkelingen in het maandblad en op de website (klik hier voor het dossier ‘Kerk en postchristendom’) en bezocht een aantal nieuwe kerken die van deze veranderingen getuigen. Deze serie (klik hier voor de serie) wordt nu afgesloten met een vraaggesprek tussen een ‘emerger’ van het eerste uur en een ‘bekeerde’ dominee die vanuit de bestaande kerk (gereformeerd-vrijgemaakt, in Haarlem) de dialoog zoekt met deze missionaire kerkvernieuwers.
Volgens de één, Johan ter Beek, wordt 2008 wellicht het jaar van de doorbraak voor de Emerging Church in Nederland. Zijn gesprekspartner, Jos Douma, verwacht eerder een hernieuwde waardering voor pastorale begrippen als zielzorg en verbondenheid. Niet als alternatief voor missionair gemeente-zijn, maar als aanvulling daarop.
Samen gaan ze in dit gesprek op zoek naar helderheid in een wirwar van kerkelijke trends en ontwikkelingen.

Hoekjes en groepjes
Johan ter Beek gaat er eens goed voor zitten, als hem gevraagd wordt te schetsen hoe het er in zijn ‘emerging’ kerk aan toegaat. Hij tovert zijn gesprekspartner in een paar zinnen de sfeer van een samenkomst in De Oase in Soest voor ogen (zie ook de impressie Experimenteren met de kerk in het oktobernummer 2007). ,,Stel je voor: de ruimte is ingericht als een kapel met allemaal verschillende nissen en hoekjes. In de ene hoek zit iemand te bidden of te mediteren, in een andere hoek leest iemand de Bijbel, terwijl weer ergens anders iemand bezig is met een actie voor sociale rechtvaardigheid. Ondertussen tokkelt iemand in een hoekje prachtige Psalmen voor Nu. Natuurlijk bereiden we wel wát voor, maar meteen na de toespraak gaan we weer uiteen in groepjes om er samen over door te praten. We kiezen dus niet voor de oude-stijl evangelisatiedienst, waarin een bandje wordt opgetrommeld en iemand vanaf een podium de dienst leidt. We keren ons ook tegen een eenzijdige nadruk op gevoel of verstand. Dat noem ik het kinderstadium van missionair gemeente-zijn. Al dat soort zogenaamd eigentijdse veranderingen blijven vooral aan de oppervlakte. En erger nog: door dit soort ontwikkelingen projecteren veel christenen uiteindelijk vooral hun eigen westerse, hedonistische verlangens en behoeften op de almacht van Christus.’’
 
Klassieke eredienst
Dat is duidelijke taal. Zou het een goed idee zijn wanneer Johan eens per maand gaat experimenteren met ‘emerging’ kerkdiensten in de gemeente van Jos Douma in Haarlem?
Jos Douma: ,,Nou, ik spreek natuurlijk vanuit mijn positie als predikant in een ‘gevestigde gemeente’. Het is veel moeilijker om een bestaande structuur te wijzigen dan om vanuit het niets met iets nieuws te beginnen. Als predikant zit ik wat dat betreft constant in een spanningsveld, en ik heb ook de tijd en middelen niet om dit soort veranderingen in gang te zetten. Maar ik wil toch ook wel een lans breken voor de gewone protestantse eredienst, waarin je rustig mag zitten en een uur lang goede woorden hoort en zingt over Jezus. En zo elke week weer iets mag proeven van Gods genade en mag genieten van echt liefdevolle aandacht voor mensen. Overigens, we hebben sinds kort wél een stiltecentrum in onze gemeente. Daar komt eerlijk gezegd nog bijna niemand op af. Die drempel moet nog worden verlaagd…’’
 
Maar hoe missionair is de Emerging Church eigenlijk? De kerken die momenteel de meeste mensen trekken, zijn kerken waar de nadruk ligt op persoonlijke groei en individuele beleving. In de Emerging Church draait het juist om het vormen van een gemeenschap, en niet om ‘spiritueel consumeren’ maar juist actieve deelname. Werkt dat wel als je buitenkerkelijken wilt bereiken, of is de Emerging Church meer een heruitvinding van kerk-zijn door christenen die uitgekeken zijn op de klassieke kerk?
Ter Beek: ,,Ik heb vooraf geen verwachtingen over wat een experiment zal opleveren. Toen ik nog maar net met deze vragen worstelde – aan het eind van de vorige eeuw – lag voor mij het accent nog heel sterk op de vraag ‘wat zou werken’ en waarmee je niet-christenen zou kunnen ‘bereiken’. Die hele terminologie heb ik echt overboord gegooid. Mensen prikken daar ook doorheen: niemand wil worden gezien als een object van evangelisatie. Bovendien: de Emerging Church-beweging wordt inmiddels langzamerhand volwassen en is dus steeds minder eenzijdig missionair gefixeerd. Veel ‘emergers’ begonnen inderdaad met een soort puberale afkeer van de dorre, droge kerk waar ze uit kwamen en gingen wild experimenteren om het ‘allemaal beter en anders’ te doen. Je ziet dat zij ook vaak weer terugkeren bij de wijsheid uit de kerk die ze achter zich laten.’’
Douma: ,,Maar hoe open is dat eigenlijk? Zouden jullie ook het klassieke Avondmaalsformulier weer gaan lezen?’’
Ter Beek, lachend: ,,Ja, waarom niet! In de Emerging Church wordt juist ook weer het ritme en de cadans van oude liturgieën helemaal herontdekt.’’
 
Postmodern
De Emerging Church kent ook een sterke cultuurkritische component. Denkers binnen de beweging benadrukken het nieuwe karakter van de postmoderne periode in vergelijking met de moderniteit. Hoe postmodern zijn wij christenen, en belangrijker: hoe postmodern moeten we eigenlijk willen zijn?
Douma: ,,Wat ik wel herken bij de leden van mijn gemeente, is de sterke nadruk op gevoel. Of het nu het gevoel bij de psalmen is, of een gevoel bij opwekkingsliederen. Men denkt en beargumenteert vanuit het gevoel. En je merkt toch dat ook christenen vatbaar zijn voor het consumentistische, hedonistische leven.’’
Ter Beek: ,,Maar heeft die focus op gevoel en dat hedonisme wel te maken met postmoderniteit? Het lijken me eerder één van de uitwassen die worden opgeroepen door de moderniteit, met haar nadruk op orde en rationele processen. De postmoderniteit is in dat opzicht een noodzakelijke tegenreactie die juist dit soort excessen wil afbreken en voorkomen…’’
Douma: ,,Akkoord. Maar wat wél wezenlijk is veranderd, is dat de kerk – ook wij vrijgemaakt-gereformeerden – is veranderd van een bolwerk in een netwerk. En vanuit dat vrijgemaakte netwerk sta ik nu ook veel opener voor wat er in andere netwerken gebeurt. Dat associeer ik óók met postmoderniteit.’’
Ter Beek: ,,Tegelijk is de Emerging Church niet écht postmodern. Het maakt hoogstens gebruik van de postmoderne wind die er waait. Gods Geest geeft in iedere context weer andere mogelijkheden om in te spelen op de eigen tijd en cultuur. Maar Jezus staat als Koning ver boven de wisselende tijden en culturen.’’
 
Christus in het midden
In de discussie over kerkvernieuwing gaat het al gauw om nieuwe vormen voor de liturgie. Zo ook nu. Vormt dat inderdaad de kern van de vernieuwing waar het bij de Emerging Churches om gaat?
Ter Beek: ,,Nou nee, in mijn ogen gaat het eerst en vooral om een compleet nieuwe theologische doordenking van de christelijke geloofsleer. Vooral wat betreft de leer over Christus en de kerk worden écht nieuwe wegen ingeslagen door theologen als N.T. Wright en Stanley Hauerwas. Wat voor mij het meest wezenlijk nieuwe hierin is, is de nadruk die er ligt op het ‘verhaal’ van God met de mensen, waarvan Christus de Messias de uiteindelijke culminatie vormt. Dit heet ook wel het narratief, ofwel het grote verhaal, waar je deel van uitmaakt. De doorbraak van het Koninkrijk waarin je als mens en als gemeente participeert.’’
Douma: ,,Op zich herken ik deze geluiden wel. We ademen wat dat betreft toch behoorlijk dezelfde lucht. Op allerlei terreinen merk je dat er een heroriëntatie aan de gang is, waarvan de kern volgens mij is: leven in verbondenheid, met Christus in het midden. Zelf ben ik wat meditatiever van aard, en dus minder argumentatief in mijn benadering. Ik stel mij Christus voor als de overal tegenwoordige, de kosmische Christus, die ons steeds als personen tegemoet treedt.’’
Ter Beek herkent dit vanuit zijn perspectief: ,,Daar ligt ook voor de Emerging Church in feite het vertrekpunt. Op sommige punten gaan we een tegengestelde weg, maar net als veel christenen zijn we vooral heel erg op zoek naar de essentie. Hoewel je dat wellicht niet zou denken, gaat het bij de Emerging Church eigenlijk om eenvoud in plaats van om allerlei ingewikkelde poespas.’’
 
Elitair fenomeen
Toch bestaat bij velen de indruk dat Emerging Churches vaak een vrij elitaire aangelegenheid zijn – iets voor hoger opgeleide, blanke dertigers. Klopt die indruk?
Douma: ,,Dat is volgens mij wel een gevaar van deze benadering. Door heel erg in te zetten op het uitdagen van de creatieve en intellectuele capaciteiten van mensen, wordt een wel erg eenzijdige doelgroep bereikt. Een van de voordelen van de ‘oude-stijl’ kerk waar ik in werk, is dat we als gemeenschap mensen bij elkaar brengen die elkaar nooit hadden uitgezocht.’’
Ter Beek: ,,Natuurlijk, dat is echt een risico. Als je gaat netwerken, kom je al gauw bij je eigen vrienden uit, en niet veel verder. Ik geef toe dat de meeste mensen die naar De Oase komen hoogopgeleide jonge mensen zijn, vaak met creatieve gaven. Maar: dat was lange tijd ook één van de witte plekken voor veel kerken. Want daar is weliswaar iedereen welkom, maar komt in de praktijk slechts de blanke burgerlijke middenklasse opdagen. Dat is óók een beperkte doelgroep.’’
Maar toch – is een Emerging Church niet eigenlijk een soort grachtengordelkerk voor christenen die aan de top van hun geestelijke behoeftepiramide zijn beland en uit verveling op zoek zijn naar een hogere graad van zelfverwerkelijking? Ter Beek: ,,Dat kan zijn, maar juist daarom is het ook belangrijk om ‘globaal’ te denken. Zoals Bono al zei: God zit niet in de yuppenpanden van Amsterdam, maar in de sloppenwijken van Johannesburg of Rio de Janeiro. En dat geldt ook voor de gemeentestichtingsprojecten die zich richten op de Amsterdamse yuppen. Volgens mij zijn die pas geslaagd als al die rijken geld gaan gireren naar de armen in de derde wereld. Dan zie je iets van Gods transformerende, herscheppende kracht door mensen heen werken. Je ziet zo iets van het Koninkrijk van God ‘gebeuren’. De top van onze behoeftepiramide moet in de bodem van die van een ander steken.’’
Douma: ,,Dat ben ik niet helemaal met je eens. In de praktijk van mijn werk leer ik dat het wezen van de kerk eerder besloten ligt in de zielzorg. Het gaat in wezen om de liefdevolle aandacht voor wat er leeft in iemands binnenruimte. Dat is wat de kerk heeft te bieden. De afgelopen vijf weken moest ik in mijn gemeente een baby, een 54-jarige broeder en een 58-jarige zuster begraven. Dan trek je heel intensief op met mensen en probeer je Christus zichtbaar te maken in de situatie waarin iemand zit. Daarnaast is er ook in de kerk nog een wereld voor Christus te winnen.’’
 
De wortelzondes
,,Ik ben een pionier die in wat rustiger vaarwater zit dan jij’’, merkt Douma aan het eind van het gesprek op. Het lijkt niet of hij verlangt naar de golven waar Ter Beek zo van houdt. ,,Nee, ik denk dat de roeping, de leeftijdsfase en de karakterstructuur van iemand bepaalt waarvoor hij of zij geschapen is. Dat ligt bij mij duidelijk wat anders dan bij Johan. Toch zou ik willen kijken wat wij kunnen leren van deze alternatieve kerkvormen…’’
Ter Beek vult aan: ,,Het gesprek dat wij nu hebben, is eigenlijk een miniatuurversie van wat er landelijk zou moeten gebeuren. De agenda zou moeten zijn dat er een kring van wijze mensen de komende jaren om de pioniers heen gaat staan en ze aanmoedigt en waar nodig corrigeert. Daar kunnen ook de theologieopleidingen zéér bij helpen, door stof te leveren voor nieuwe liturgieën en de theologie te doordenken in het licht van onze cultuur.’’
Toch pleit hij nadrukkelijk óók voor het ongebreideld experiment: ,,Pubers moet je bovenal ook in vertrouwen loslaten. Er is nu al ontzettend veel gesproken, geblogd en gediscussieerd over alternatieve vormen van kerk-zijn. Het is tijd om het te gaan proberen!’’
Douma concludeert dat zowel de bestaande kerken als de emerging churches vatbaar zijn voor een wortelzonde: ,,Voor de bestaande kerken is dat de angst, voor de emerging churches is dat de hoogmoed. We kunnen echt in gesprek komen en blijven als we samen naar het kruis van Jezus gaan, en onze last daar afleggen.’’ Zo kunnen oud en nieuw, vast en vloeibaar, elkaar gaan aanvullen.



Dit artikel maakt deel uit van het dossier Kerk en postchristendom

Dit artikel maakt deel uit van de serie Nieuwe kerkvormen

Dit artikel is verschenen in CV·Koers februari 2008

Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel



AdverterenNieuwsbriefAbonnee wordenContact
© cv·koers 2010

inloggen
e-mailadres:
wachtwoord:
cv•extra dossiers
40 jaar cv•koers
Kerk en postchristendom
In den beginne
De multiculturele samenleving