Kanttekeningen bij de emerging church
kaders:
• Sites en boeken
• CV•Koers studiereis
Deze maand bezochten deelnemers aan de CV•Koers-studiereis een aantal jonge kerken in Londen, die zich richten op postmoderne zoekers. Kerkhistoricus en reisgenoot Robert Doornenbal plaatst deze beweging van 'emerging churches' in een context.
Door Robert Doornenbal
In de Engelstalige wereld verschijnen steeds meer publicaties over de zogenaamde Emerging Church. Dit overkoepelende begrip staat voor een grote diversiteit aan nieuwe – dikwijls experimentele - vormen van (missionair) kerk-zijn in een postmoderne cultuur. Dit artikel biedt een verkenning van enkele centrale noties binnen deze beweging.Een rode draad die je kunt ontwaren in het denken vanuit de Emerging Church is de volgende. Eerst presenteert men een cultuuranalyse, waarvan de belangrijkste conclusie luidt dat de kerk in de westerse wereld van het centrum naar de marge is verschoven. Daarna stelt men een aantal theologische kwesties aan de orde, waarbij de christologie – de leer over Jezus Christus – en de ecclesiologie – de leer over de kerk – een belangrijke plaats innemen. De volgende korte definitie van de Emerging Church is illustratief: ‘gemeenschappen die de weg van Jezus praktiseren in postmoderne culturen’. (Gibbs & Bolger, 44)
De theologische verkenningen eindigen veelal in een pleidooi voor het vormen van een zogenaamde ‘missional church’. Dat is een christelijke gemeenschap die zichzelf ziet en organiseert als een middel van Gods missie in de wereld. (Hirsch, 82) Vervolgens vraagt men zich af welke soorten leiderschap en leiders er nodig zijn om zo’n soort kerk van de grond te krijgen en in goede banen te leiden. De traditionele dominee lijkt hier immers niet geschikt voor, aangezien hij meer bezig is met maintenance (onderhoud) van het bestaande dan met mission. (zie Gibbs en Roxburgh/Romanuk) Als laatste komt aan de orde wat dit zou kunnen betekenen voor (theologische) opleidingen, die immers niet bekend staan als wervers respectievelijk leveranciers van missionaire leiders. Genoemde rode draad bepaalt de opbouw van dit artikel: cultuuranalyse; theologie; leiderschap; opleiding/training.
De theologische verkenningen eindigen veelal in een pleidooi voor het vormen van een zogenaamde ‘missional church’. Dat is een christelijke gemeenschap die zichzelf ziet en organiseert als een middel van Gods missie in de wereld. (Hirsch, 82) Vervolgens vraagt men zich af welke soorten leiderschap en leiders er nodig zijn om zo’n soort kerk van de grond te krijgen en in goede banen te leiden. De traditionele dominee lijkt hier immers niet geschikt voor, aangezien hij meer bezig is met maintenance (onderhoud) van het bestaande dan met mission. (zie Gibbs en Roxburgh/Romanuk) Als laatste komt aan de orde wat dit zou kunnen betekenen voor (theologische) opleidingen, die immers niet bekend staan als wervers respectievelijk leveranciers van missionaire leiders. Genoemde rode draad bepaalt de opbouw van dit artikel: cultuuranalyse; theologie; leiderschap; opleiding/training.
‘Postchristendom’
Twee begrippen komen telkens terug in de cultuurbeschouwing vanuit de Emerging Churches, te weten: postmoderniteit en postchristendom. Wat men zegt over ‘postmoderniteit’ bevat geen verrassingen voor lezers van CV•Koers. Men benadrukt vooral het hedendaagse wantrouwen ten aanzien van ‘grote verhalen’, dogma’s en instituties, en de openheid voor spiritualiteit, pluralisme en ervaring. Interessanter is het begrip postchristendom. Met het woord ‘christendom’ duidt men de periode aan vanaf de vierde eeuw na Christus, toen de kerk en het christelijk geloof een bevoorrechte positie kregen in het Romeinse keizerrijk. De kerk veranderde hierdoor van een dynamische, revolutionaire, sociale beweging in een religieus instituut met een hiërarchische structuur waarin priesterschap en sacramenten het belangrijkst waren. (Vgl. Frost & Hirsch, 8) De kerk kwam in het centrum van de macht terecht en het onderscheid tussen ‘kerk’ en ‘wereld’ vervaagde. Deze situatie is voorbij. In de westerse wereld is er sprake van een postchristendom-situatie. Het lange proces van secularisatie, gecombineerd met de omslag naar een postmoderne cultuur, heeft erin geresulteerd dat de kerk vanaf het eind van de twintigste eeuw is teruggekeerd naar een randpositie. Om deze conclusie te staven, citeert men veelal godsdienstsociologische studies. Ook wordt vaak gerefereerd aan boeken die niet geschreven zijn door pioniers binnen de Emerging Church, maar door theologen door wie zij zich gaarne laten inspireren. Het begrip ‘postchristendom’ en zijn equivalenten (‘After Christendom’; of ‘The Death of Christendom’) begint inmiddels aardig ingeburgerd te raken! Zie bijvoorbeeld de titels van Murray, Smith en Stone.
Van christologie naar ecclesiologie
De nieuwe situatie waarin de kerk in het Westen verkeert, roept theologische vragen op. De kern daarvan betreft de bezinning op wat de ‘kerk’ eigenlijk is en moet zijn, bijbels gezien. Behalve het Nieuwe Testament vormt daarbij de vroege - ‘prechristendom’ - kerk tot aan de omwenteling rond Constantijn (vanaf 312 na Christus) een inspiratiebron. Kerken en christenen verkeerden destijds immers in een marginale positie, evenals vandaag. Ook gaat men te rade bij groepen die zich nooit hebben willen aanpassen aan het ‘christendom-model’, zoals de anabaptisten (‘wederdopers’) uit de 16e eeuw. Zij hebben het compromis met de wereld en de macht vermeden en stonden een alternatieve manier van kerk-zijn voor, die missionair was en georiënteerd op het Nieuwe Testament. De theologische lijn van denken die de Emerging Church voorstaat, is deze: de christologie moet de missiologie bepalen, en de missiologie dient de ecclesiologie voor te schrijven. Dat wil zeggen: in de Bijbel en het christelijk geloof staat Jezus Christus centraal. Wat Hij deed en zei, moet ons denken en handelen richting geven. Welnu, Jezus vormde gastvrije, getuigende gemeenschappen van mensen (‘discipelen’) waarin het Koninkrijk van God concreet gestalte werd gegeven in het leven van alledag. Dit werkte conflicten en soms zelfs vervolging in de hand van de kant van de religieuze en politieke machthebbers, zoals Jezus al had gezegd dat er zou gebeuren. Echter, als het Hem begonnen was om het Koninkrijk van God zichtbaar te maken, dan moet het daar zijn volgelingen vandaag nog steeds om gaan. Zoals de Zoon vlees werd in een specifieke tijd en plaats, in Jezus Christus, zo moeten christenen in concrete plaatselijke situaties wervende, gastvrije gemeenschappen vormen waarin Gods regering zichtbaar wordt in alle aspecten van het leven: onderlinge relaties, omgang met geld en goed, verhouding tot de politieke machtscentra, etc. Veel traditionele kerken zijn hier niet op ingesteld. De Emerging Church ziet zich dan ook als een alternatief voor de bestaande kerken - niet in de laatste plaats wat betreft de visie op leiderschap.
‘Emerging’ leiderschap
Het solus pastor-model, waarin de voorganger of predikant op de voorgrond staat, wordt grondig bekritiseerd door de Emerging Church. Zonder uitzondering bepleit men een vorm van teamleiderschap. Daarbij is de belangrijkste rol niet weggelegd voor de pastor of de leraar – wat beide rollen zijn die predikanten of voorgangers vandaag veelal vervullen. Met een beroep op wat Paulus schrijft in Efeziërs 4 pleit men voor een rehabilitatie van het apostolische leiderschap. Een apostolische leider is innovatief, pionierend, visionair en inspirerend. Hij belichaamt en symboliseert wat discipelschap en de daaraan gekoppelde missionaire opdracht concreet inhoudt voor de gemeenschap in een bepaalde plaats (bijvoorbeeld een stadswijk), en rust anderen toe om dit in praktijk te brengen. Een veel gehanteerd begrip in dit verband is empowerment: de leider ‘bekrachtigt’ degene(n) die hij beïnvloedt, veelal door zijn karakter en levenswijze. Een andere term is adaptive: de leider helpt een groep of organisatie om zich creatief en innovatief aan te passen aan de veranderde omstandigheden (lees: de postchristendom-situatie).
Overigens is de apostolische leider evenmin als de profeet, de evangelist, de pastor en de leraar duidelijk op de voorgrond aanwezig binnen de Emerging Church. Kenmerkend voor deze beweging is juist een gedeeld, low key leiderschap. Niet het instituut, de hiërarchie of het ambt is belangrijk, maar het goed kunnen omgaan met mensen. Leiders in de Emerging Church vervullen vaak een mentorrol, en het zijn teambuilders en -players. Ze bepalen de agenda niet, maar faciliteren het proces waarbij de gemeenschap zelf aan het woord komt.
Als vanzelf komt nu de vraag op: waar haal je zulke leiders vandaan?
Overigens is de apostolische leider evenmin als de profeet, de evangelist, de pastor en de leraar duidelijk op de voorgrond aanwezig binnen de Emerging Church. Kenmerkend voor deze beweging is juist een gedeeld, low key leiderschap. Niet het instituut, de hiërarchie of het ambt is belangrijk, maar het goed kunnen omgaan met mensen. Leiders in de Emerging Church vervullen vaak een mentorrol, en het zijn teambuilders en -players. Ze bepalen de agenda niet, maar faciliteren het proces waarbij de gemeenschap zelf aan het woord komt.
Als vanzelf komt nu de vraag op: waar haal je zulke leiders vandaan?
Opleiding/training
De Emerging Church antwoordt: niet van de traditionele theologische opleidingen. Immers, daar staan boeken, concepten en ideeën centraal, niet de praxis. Het draait er niet om het vormen van discipelen en van leiders – laat staan van missionaire (apostolische) leiders. De theologieopleidingen in het Westen worden gerund door leraren en pastores, en dat is ook het type student dat men aantrekt. Potentiële visionaire veranderaars binnen de kerk kiezen veelal een andere opleiding en loopbaan. Zij worden niet uitgedaagd door de theologieopleiding en worden ronduit afgeschrikt door de kerkelijke structuren die zijn gericht op onderhoud, niet op vernieuwing. Op deze manier houd je een behoudend kader over met middelmatige capaciteiten die niet zijn toegesneden op de eisen van deze tijd van grote maatschappelijke en culturele veranderingen. (vgl. Guder, 219)
Binnen de Emerging Church wordt gepleit voor een heel andere manier van opleiden. Kernwoorden daarbinnen zijn: missionair gericht, gemeenschap, discipelschap, geestelijke vorming en karaktervorming, (theologisch) reflecteren op praktijkervaringen, continue verbondenheid met een plaatselijke kerkelijke gemeente en interdisciplinair. (Vgl. de studie van Banks)
Binnen de Emerging Church wordt gepleit voor een heel andere manier van opleiden. Kernwoorden daarbinnen zijn: missionair gericht, gemeenschap, discipelschap, geestelijke vorming en karaktervorming, (theologisch) reflecteren op praktijkervaringen, continue verbondenheid met een plaatselijke kerkelijke gemeente en interdisciplinair. (Vgl. de studie van Banks)
Kritische noten
Het is niet moeilijk om kritiek te formuleren op bepaalde uitingen die gedaan worden door woordvoerders vanuit de Emerging Church. Hun cultuuranalyse is vaak kort door de bocht. Zo zet men de begrippen ‘modern’ en ‘postmodern’ te scherp als tegenstellingen neer. Daarbij blijkt het vaak lastig om een kritisch gesprek aan te gaan met vertegenwoordigers van de Emerging Church. Een buzz word binnen de beweging, is ‘paradigma shift’: ze claimen vanuit aan ander paradigma te denken, en wie kritische vragen stelt, krijgt al snel het verwijt nog vanuit een achterhaald, modernistisch paradigma te denken. Dit smoort het verdiepende debat.
Ook is de beweging sterk retorisch. Vanuit de postmoderne evaring dat logische argumentatie niet overtuigt, kiest men veelal voor een retorische insteek: een stortvloed aan oneliners en pakkende metaforen moet overtuigen. Immers, postmoderne mensen denken in beelden en associaties, niet in redeneringen. En vaak komt dit ook overtuigend over. Ondertussen blijkt bij nadere beschouwing een en ander niet altijd even steekhoudend. Betogen zijn vaak populistisch, onnauwkeurig, ondoordacht en vaak overschreeuwt men zichzelf. Bovendien ligt er een epistemologische aanname aan ten grondslag: dat ‘de’ waarheid niet volledig te kennen is en dat daarom ‘de bescheidenheid van beeldspraak’ meer op zijn plaats is. Maar met metaforen is het lastig discussiëren.
Ook het zogenaamde ‘christendom’ wordt eenzijdig negatief en ongenuanceerd geschetst. Het lijkt er soms op alsof ze de marginale positie van de kerk alleen maar toejuichen – alsof de kerk niet een belangrijke rol zou mogen hebben in het maatschappelijke debat.
Profetisch
Het lijkt me echter van groot belang goed te luisteren naar de pioniers binnen de Emerging Church. Ze stellen goede vragen, onder meer op ecclesiologisch gebied. Ze dagen ons uit onze eigen paradigma’s en vooronderstellingen onder de loep te nemen. Hun visie op gedifferentieerde leiderschapsteams binnen de plaatselijke gemeente is waardevol, evenals hun suggesties over hoe het beste dergelijke leiders op te leiden. De woordvoerders van de Emerging Church zijn geen studeerkamergeleerden, maar mensen van de praktijk, die met vallen en opstaan proberen de brug te slaan naar ‘postmoderne’ buitenkerkelijken. Dat ze zich daarbij soms verliezen in retoriek of theologisch een uitglijder maken, moet hun niet te zwaar worden aangerekend. Juist wie qua karakter wat behoudender en beschouwender is – zoals ondergetekende – kan veel leren van de ervaringen zoals die momenteel worden opgedaan binnen de Emerging Church.
Het lijkt me echter van groot belang goed te luisteren naar de pioniers binnen de Emerging Church. Ze stellen goede vragen, onder meer op ecclesiologisch gebied. Ze dagen ons uit onze eigen paradigma’s en vooronderstellingen onder de loep te nemen. Hun visie op gedifferentieerde leiderschapsteams binnen de plaatselijke gemeente is waardevol, evenals hun suggesties over hoe het beste dergelijke leiders op te leiden. De woordvoerders van de Emerging Church zijn geen studeerkamergeleerden, maar mensen van de praktijk, die met vallen en opstaan proberen de brug te slaan naar ‘postmoderne’ buitenkerkelijken. Dat ze zich daarbij soms verliezen in retoriek of theologisch een uitglijder maken, moet hun niet te zwaar worden aangerekend. Juist wie qua karakter wat behoudender en beschouwender is – zoals ondergetekende – kan veel leren van de ervaringen zoals die momenteel worden opgedaan binnen de Emerging Church.
Drs. R.J.A. Doornenbal (1966) is als opleidingsdocent verbonden aan de Academie voor Theologie van Christelijke Hogeschool Ede.
Literatuur
• Robert J. Banks, Reenvisioning theological education: Exploring a missional alternative to current models (Eerdmans 1999)
Literatuur
• Robert J. Banks, Reenvisioning theological education: Exploring a missional alternative to current models (Eerdmans 1999)
• Michael Frost en Alan Hirsch, The shaping of things to come. Innovation and mission in the 21-st century church (Hendrickson 2003)
• Eddie Gibbs and Rian K. Bolger, Emerging churches. Creating Christian community in postmodern cultures (Baker Academic 2005)
• Eddie Gibbs, Leadership next. Changing leaders in a changing culture (IVP 2005).
• Darrell L. Guder, red., Missional Church. A Vision for the Sending of the Church in North America (Eerdmans 1998)
• Alan Hirsch, The forgotten ways. Reactivating the missional church (Brazos Press 2006)
• Stuart Murray, Church after Christendom (Paternoster Press 2004)
• Alan J. Roxburgh en Fred Romanuk, The missional leader. Equipping your Church to reach a changing world (Jossey-Bass 2006)
• David Smith, Mission After Christendom (Darton, Longman and Todd 2003)
• Bryan Stone, Evangelism after Christendom. The theology and practice of Christian witness (Brazos Press 2007)
Dit artikel maakt deel uit van het dossier Kerk en postchristendom
Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel
