forum
"Een Paars kabinet is geen drama"
Mee eens
Niet mee eens
Geen mening
Stem
Vorige forums

Economische groei maakt niet gelukkig


kaders:
Verdiepingsmidweek
Klimaatverandering, voedselrellen en toename van geweld – drie grote thema’s die in toenemende mate het publieke debat zullen bepalen. Hebzucht en een economie die altijd meer wil, zijn volgens economen professor Bob Goudzwaard en professor Arjo Klamer de oorzaken van deze problemen. Christenen, vinden ze, moeten ophouden te zeuren dat ze er toch niks aan kunnen veranderen.

Door Rick Timmermans


Economische groei maakt niet gelukkig Volgens veel economen is de vrije markt het hoogste economische goed waarnaar we moeten streven. In de zoektocht naar oplossingen voor wereldproblemen mogen we nooit inleveren op onze economische groei; die is heilig. De techniek zal de problemen wel oplossen.,,Ik geloof daar geen pest van’’, zegt professor Arjo Klamer, als hoogleraar verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Klamer en Goudzwaard pleiten voor een switch in de gedachtegang van economen en politici, maar ook in de hoofden van burgers. Volgens professor Goudzwaard, emeritus-hoogleraar aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, versterken problemen elkaar in een neerwaartse spiraal. ,,De wereld kampt met onprettige problemen die elkaar versterken. Omdat de wereld groeit en meer mensen rijk worden, moeten we de zaken op aarde beter verdelen. Meer welvaart vraagt om meer industrie en om meer energie om te voldoen aan menselijke wensen. Dit heeft uitstoot van CO2 tot gevolg. Je kunt erover twisten of dit de opwarming van de aarde tot gevolg heeft, maar de hoge CO2-uitstoot is in elk geval slecht voor het milieu. Bevolkingsgroei brengt nog andere nadelen met zich mee. Zo vragen meer monden om voedsel, terwijl de landbouwgrond opgeslokt wordt door steden waar al die nieuwe mensen moeten wonen. Naast deze grote problemen worden fossiele brandstoffen als gas en olie steeds schaarser. Het rijke westen is de jacht op olie begonnen waarin armere landen niet kunnen meedoen. Een jacht die migratie en geweld in de hand speelt. We kunnen niet op dezelfde voet blijven doorleven. Er moet iets veranderen in het gedrag van de mensen.”
 
Macht van begeerte
Het scenario dat de wereld kampt met grote problemen kennen we uit het verhaal dat Al Gore ons vertelde in zijn film An Inconvenient Truth, en wat vanaf dat moment in honderden varianten opnieuw is verteld. Op de vraag naar de oorzaken wijst Goudzwaard naar menselijke verlangens en begeerten. ,,Geld is een macht geworden die ons domineert. Dat komt omdat wij de economie op een ongezonde manier vormgeven. Ik wil het vergelijken met een boom. Een boom haalt het ook niet in zijn bast om tot de hemel te groeien. Als een boom eenmaal een mooie hoogte heeft bereikt, slaat hij zijn takken uit en gaat hij bloeien. Wij willen steeds meer en meer; een economie zonder grenzen. Maar dat is niet gezond. We moeten naar een bloeiende economie toe. Dat betekent een verandering in ons denken en onze materiële verlangens en begeerten inperken. Een economie die vrucht draagt is niet alleen goed voor mensen die direct met die economie te maken hebben, maar een bloeiende economie kan ook vruchten dragen voor mensen in ontwikkelingslanden.”
 
Positieve spiraal
Dat klinkt als een idealistische opdracht. Genoegen nemen met wat je hebt en uitdelen aan minderbedeelden. De vraag reist hoe grote Westerse economieën hun welvaart kunnen delen met arme landen. Maar de negatieve problemen kunnen volgens Goudzwaard wel degelijk in een positieve spiraal terechtkomen. ,,Als de westerse landen beginnen met het kwijtschelden van schulden van ontwikkelingslanden, dan kunnen ze met het geld dat ze anders kwijt waren aan aflossing, hun economie opbouwen. Een gevolg van die stap kan zijn dat de migrantenstroom minder wordt, want economische vluchtelingen vluchten echt niet voor hun lol.”
De problemen zijn niet zomaar opgelost als ontwikkelingslanden geen schulden meer hebben. Vooral in arme landen zijn overheden gevoelig voor corruptie en geld kan altijd in verkeerde handen terechtkomen. ,,Maar dan hebben ze tenminste de keuze om goede dingen of slechte dingen te doen met hun economie. Die keuze is er niet als een economie vastzit in de klem van het Westen. Kijk bijvoorbeeld naar India, een land met heel veel eigen grondstoffen. Maar ze moeten producten exporteren die het Westen wil hebben. Het geld dat India daarmee verdient, kan niet in hun eigen economie gestopt worden, omdat ze schulden moeten aflossen bij Westerse banken. Ik heb hoop, maar het kan misgaan.’’
 
Streven naar het goede
Ons economische system is gebaseerd op een cynisch mensbeeld, analyseert Arjo Klamer, waarin de mens alleen maar uit is op eigenbelang. ,,Maar cynisme brengt ons geen stap verder en het maakt ons al helemáál niet gelukkig.’’ De mens moet streven naar het goede, daar geloofde de Griekse filosoof Aristoteles al in. Alleen dit maakt de mens gelukkig. ,,De zeven deugden zijn we uit het oog verloren, terwijl die een belangrijke basis kunnen vormen waarop we een keuze maken. De drie christelijke deugden geloof, hoop en liefde voorop, maar ook gematigdheid, moed, rechtvaardigheid en verstandigheid zijn pijlers die de mens echt gelukkig kunnen maken.”
,,Een christen heeft een extra verantwoordelijkheid in de zoektocht naar oplossingen. Als je gelooft dat de wereld geschapen is door God en dat Hij ons rentmeesterschap over deze wereld heeft gegeven, dan kan je niet meegaan in de gedachte dat economische groei je gelukkig maakt. Zeker niet als die groei ten koste gaat van de aarde.” Klamer is hoopvol over de rol die christen kunnen spelen in de strijd tegen mondiale problemen.
 
Sociale structuren
Maar wat kan je doen om, bijvoorbeeld, de opwarming van de aarde tegen te gaan? Natuurlijk kan je minder vaak de auto pakken, je gloeilampen verwisselen voor spaarlampen en niet meer met het vliegtuig op vakantie gaan. Maar zijn dat geen kleine druppels op een grote gloeiplaat? Goudzwaard vindt deze gedachtegang krampachtig. ,,Christenen maken het zichzelf veel te moeilijk door te beginnen met de vraag: ‘Wat kan ik als individu doen aan deze grote problemen?’ ‘Individu’ staat voor: ‘ondeelbaar deel van het geheel’. Je hoeft je als christen niet te zien als een los, klein atoom binnen de samenleving. Je hoeft je dus ook niet zozeer de vraag te stellen wat je als dat kleine atoom kunt bereiken.”
Moet je dan met je armen over elkaar de krant blijven lezen om te zien hoe de wereld langzaam ten onder gaat? ,, Ik wil niet beweren dat je als individu niks moet doen, zeker niet. Je moet het alleen niet alleen willen doen. Als mens ben je betrokken bij verschillende sociale structuren, denk aan het gezin, de familie, de kerk, de politiek, de sportvereniging, je werk, de school en de wijk waarin je woont. Je kunt je veel beter de vraag stellen wat je als groep kan betekenen in deze problematiek.”
,,Een paar jaar geleden sprak ik met een goede vriend van wijlen Martin Luther King, John Perkins. Hij was voorganger van een arme gemeente waar veertig procent werkloos was. Hij stelde voor dat de gemeenteleden niet moesten wachten totdat er werk naar hun toe zou komen, maar dat ze binnen de gemeenschap aan het werk moesten gaan. Er werd een lijst gemaakt met kwaliteiten en een lijst met klusjes die gemeenteleden konden doen. Iemand met een baan kon bijvoorbeeld een werkloos gemeentelid inhuren voor naschoolse opvang en hem daarvoor betalen. Op die manier werden mensen enthousiast om elkaar te helpen. Net als de eerste christengemeenten kwam ook deze gemeente in de gunst van de hele gemeenschap te staan. Je kunt samen met andere mensen klein beginnen, van onderaf. Dan kan je de wereld misschien niet redden, maar je weet het nooit. God geeft soms zijn macht aan zwakke mensen.”
 
Jezelf zien als iemand die de wereld kan redden, daar heeft ook Klamer niets mee. ,,De mens is een door en door sociaal wezen. Ieder mens heeft veel wezenlijke verbindingen. Dat begint met je vader en je moeder. De kracht van een samenleving ligt in de sociale sfeer met de oikos – de thuishaard – als basis. Vanuit die sociale sfeer kan een bewustwording ontstaan voor bijvoorbeeld het klimaatprobleem. Als jij altijd goedkoop productievlees eet en mensen in je sociale netwerk altijd zeggen dat het echt niet verantwoord is, dan stap je vanzelf van dat smerige vlees af en ga je bewuster eten. Zo gaat dat ook als je in een grote auto rijdt of om de haverklap met het vliegtuig op vakantie gaat. De sociale sfeer kan een verandering in denken bewerken waar de markt en de overheid niet tegenop kan.”
 
Gods wereld
Wanneer mensen hun rol in de wereldproblematiek zien als dweilen met de kraan open, dan hebben die mensen een hopeloos toekomstbeeld, vindt Klamer. Volgens hem moet je als mens op een verantwoorde manier dingen doen waar je goed in bent en je niet blindstaren op onoverzienbare problemen. ,,Daar komen die zeven deugden weer om de hoek kijken. Neem bijvoorbeeld een soldaat en een verpleegster. De soldaat moet moedig zijn, dat is zijn rol. Hij mag niet lief zijn, maar ook niet laf en overmoedig. De verpleegster moet juist lief zijn en zorg dragen voor een gewonde soldaat. Je moet je bewust zijn van de rol die je inneemt in de wereld. Daarbij moet je de deugden voor ogen houden. Wat betekent rechtvaardigheid voor een christen als die altijd smerig vlees eet en in een benzine slurpende auto rijdt?”
 
Waar kan je beginnen als je God wilt eren en een goed rentmeester wilt zijn? Misschien wel bij het besef dat je niet aan het werk bent op je eigen wereld, maar op de wereld van God. Dietrich Bonhoeffer is een grote inspirator voor Goudzwaard. Bonhoeffers boek over Psalm 119 heeft hem geleerd dat je keuzes niet alleen hoeft te maken. ,,In een beschrijving over Psalm 119 vervangt Bonhoeffer het woord ‘wet’ door het woord ‘weg’: ‘Gelukkig wie zich richt naar de weg (wet) van de HEER’. We zijn onderweg op de weg van de God en op die weg moet je stappen zetten. Als je goed nadenkt over de eerste stap die je zet, krijg je na die stap vaak goede vervolgstappen in zicht. In die stappen zie je vaak Gods zegen; je krijgt iets terug dat je van tevoren helemaal niet gezien had. Je kunt klein beginnen zonder de bedoeling om de wereld te redden, maar je weet het nooit. God hecht soms zijn macht aan zwakke mensen.”
Goudzwaard vertrouwt erop dat God de wereld niet zomaar laat vallen. ,,God heeft de wereld al geschapen, dat hoeven wij niet opnieuw te doen. De toekomst ligt in zijn handen en dan mag je vertrouwen dat het in orde komt. Een vergelijking uit het Johannesevangelie vind ik in dit licht heel mooi. De discipelen hebben heel de nacht gevist, maar niets gevangen. Dan vraagt een man aan de waterkant of ze wat te eten voor hem hebben. De discipelen moeten de man nee verkopen. Als de man zegt dat ze het net aan de andere kant van de boot moeten uitgooien, vissen de discipelen een hele vracht vis uit het water. Wanneer ze het vaste land bereiken, blijkt dat Jezus al een pannetje op het vuur heeft staan met visjes erin. In de Statenvertaling lees je nog heel duidelijk dat Jezus niet vraagt om eten, maar of zijn discipelen nog iets toe hebben, een dessert. Zo mag je de wereld zien. God heeft het allemaal al klaar en wij mogen daar iets aan toevoegen, een toetje.” Dat is volgens Goudzwaard de vraag waar iedereen straks een antwoord op moet geven. ,,Wat zeg jij tegen God als Hij je op een dag vraagt wat jij hebt toegevoegd aan zijn aarde.”

Dit artikel is alleen in de online editie van CV•Koers verschenen.



Dit artikel maakt deel uit van het dossier De crisis

Dit artikel is verschenen in CV·Koers mei 2008

Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel



AdverterenNieuwsbriefAbonnee wordenContact
© cv·koers 2010

inloggen
e-mailadres:
wachtwoord:
cv•extra dossiers
40 jaar cv•koers
Kerk en postchristendom
In den beginne
De multiculturele samenleving