forum
"Een Paars kabinet is geen drama"
Mee eens
Niet mee eens
Geen mening
Stem
Vorige forums
Hans van der Lee roept op tot radicaal discipelschap

De stille revolutie van de navolging


kaders:
Zet de stap om op weg te gaan
Symposium over navolging
In dit Bonhoefferjaar is er aan lof op de Duitse theoloog geen gebrek. Maar rond zijn oproep tot navolging van Jezus blijft het nogal stil. Toch iets té radicaal?

Door Gertjan de Jong


De stille revolutie van de navolging Soms lijkt er iets te ontbreken aan christenen in Nederland. We gaan naar de kerk, we bidden, lezen uit de Bijbel en zijn niet te beroerd om nu en dan een straatkrant te kopen of onze zieke buurvrouw een bloemetje te bezorgen. Maar is er eigenlijk zoveel verschil tussen ons en niet-christenen? Laten wij zien wie Jezus Christus is?
Hans van der Lee (1958) is directeur van Compassion Nederland, een organisatie die zich inzet voor de toekomst van kansarme kinderen in ontwikkelingslanden, en schrijver van het boek Volg jij Mij. Hoe je groeit in radicaal discipelschap. Hij proeft in christelijk Nederland dikwijls lauwheid, een gebrek aan passie voor het daadwerkelijk volgen van Jezus. ,,We zitten met een structureel probleem, dat een diepere geestelijke oorzaak moet hebben”, constateert hij. ,,We lijken namelijk niet op Jezus. Tussen christenen en niet-christenen zie je dikwijls meer overeenkomsten dan tussen christenen en Christus, terwijl we zijn beeld zouden moeten vertonen. Veel christelijke jongeren hunkeren naar radicale navolging, maar ze zoeken tevergeefs naar volwassenen die hen hierin voorleven. Waar zijn de volwassen gelovigen die de moed hebben om echte keuzes te maken in het leven als leerling van Jezus? Mijn generatie houdt het dikwijls bij afstandelijk gefilosofeer.”

Bonhoeffer en Kierkegaard
Christendenkers als Dietrich Bonhoeffer (1906-1945) en Søren Kierkegaard (1813-1855) namen deze kwaal al eerder waar. Dit leidde bij hen tot felle kritiek op de protestantse kerk. Kritiek die niet minder fundamenteel was dan de kritiek van reformatoren als Luther en Calvijn op de Rooms-Katholieke Kerk van hun dagen. Over Bonhoeffer verschijnen nu weliswaar links en rechts instemmende publicaties, maar zijn snoeiharde kritiek op de kerk lijkt te worden gesmoord in lofuitingen.
De kritiek van Bonhoeffer en Kierkegaard kun je als volgt samenvatten: protestantse kerken gooien de genade van Jezus te grabbel door er een algemeen leerstuk van te maken en haar los te koppelen van Jezus' radicale oproep tot daadwerkelijke navolging. Of zoals Kierkegaard het in zijn dagboek schrijft: ,,Jezus heeft geen docenten de wereld ingestuurd, maar navolgers.”
Bonhoeffer spreekt in zijn boek Navolging van ‘goedkope genade’. Onder ‘goedkope genade’ verstaat hij genade als leer, de vergeving van zonden als algemene waarheid. Het is een waarheid die je kunt aannemen zoals je aanneemt dat twee maal twee vier is: het is helemaal waar en je gelooft het, maar het verandert je niet. Deze goedkope genade is de doodsvijand van de kerk, betoogt Bonhoeffer: ,,Als raven hebben wij ons verzameld om het lijk van de goedkope genade. Daaruit ontvingen we het vergif, waaraan de navolging van Jezus onder ons stierf. De zuivere leer van de genade werd tot God zelf, tot genade zelf.”
Hans van der Lee vergelijkt geloof zonder navolging met een reis die wij geboekt hebben, maar vervolgens niet maken. Als geloven het begin van een reis is, komen veel christenen niet verder dan de wachtruimte voor vertrek. ,,In plaats van dat we instappen en echt op weg gaan, blijven we zitten en praten met elkaar over het voorrecht dat er voor onze reis betaald is. We wijzen er elkaar op hoe heerlijk het is te mogen genieten van de veiligheid in de wachtruimte bij de gate. En we doen onze uiterste best ons verblijf er zo gezellig, comfortabel en winstgevend mogelijk te maken.”
 
Lachwekkend instituut
De gevolgen van dit alles? Een brave burgermanskerk die onder een dun laagje van kerktaal en eigen dress code verontrustend wereldgelijkvormig is, in plaats van een gemeenschap van navolgers van Christus. ,,Is de prijs die wij vandaag moeten betalen met de ineenstorting van de georganiseerde kerken, iets anders dan een noodzakelijke consequentie van de goedkoop verworven genade?” vraagt Bonhoeffer zich af. ,,Men schonk de verkondiging en de sacramenten, men doopte, bevestigde een heel volk, men deelde eindeloos stromen van genade uit, maar de oproep tot de strenge navolging van Christus werd zeldzamer gehoord.”
Zonder navolging verwordt de kerk tot een lachwekkend instituut dat in weinig verschilt met instituten die Christus niet als voorbeeld hebben. Kierkegaard schrijft hier schertsend over: ,,Er bestaat in dit land helemaal geen christendom, maar men roept wel een synode bijeen. En die zal vermoedelijk in dezelfde stijl verlopen als een ouderbijeenkomst op school: er moeten tuimelvensters komen voor een betere ventilatie, en misschien moet er wat in de kleding van de dominee veranderd worden, wellicht bijvoorbeeld een ring in zijn neus.”
Daarnaast ontdekt deze Deense filosoof dat je best over navolging mag praten – dat doen de dominees en professoren immers ook – zolang je maar niet het woord bij de daad voegt. ,,Neem die rijke jongeling”, schrijft hij in zijn dagboek. ,,Laat mij er over preken, dat hij niet volmaakt was, dat hij er niet toe kan besluiten om alles aan de armen te geven, maar dat een ware christen wel bereid is om alles weg te geven – dan worden de mensen ontroerd, ze houden van mij. Maar als ik dan zelf een rijke jongeling ben, heenga en heel mijn vermogen aan de armen geef, dan geef ik de mensen ergernis; men vindt het een belachelijke overdrijving.”
Overigens zijn dit geluiden die je niet alleen in de protestantse traditie hoort. Eugen Drewermann, ex-priester en psychoanalyticus, verliet onlangs de Rooms Katholieke Kerk. In dagblad Trouw verklaart hij zijn keuze: ,,De vragen des levens laten zich niet tot een leer reduceren. Dat is de kern van de vervreemding, dat de leer belangrijker wordt dan de vraag hoe iemand leeft. Jezus wilde geen nieuwe dogmatiek doorbladeren, maar ons leven veranderen. Hij werd nooit hoogleraar in de godgeleerdheid – misschien was onbezoldigd docent iets voor hem geweest. De academische theologie staat net zo ver van Jezus’ profetische boodschap als de kerk die ze dient.”
 
Christelijke verslapping
De kerk lijkt niet langer het lichaam van Christus, maar een nauw gevlochten stelsel van dogma’s en leerstellingen, meenden Bonhoeffer en Kierkegaard. Hoe heeft het zover kunnen komen? Volgens Hans van der Lee heeft de kwaal van het moderne christendom zijn wortels in het Griekse denken, dat het christendom beetje bij beetje binnensijpelde. Griekse denkers brachten een scheiding aan tussen ziel en lichaam. Het gevolg is de overtuiging dat de geestelijke wetten alleen toepasbaar zijn op het geestelijke en stoffelijke wetten op het stoffelijke.
Maar het ging pas écht mis met het christendom in de vierde eeuw. ,,Constantijn de Grote heeft het christendom in de vierde eeuw de das omgedaan”, stelt hij. ,,Hij verhief het christendom tot staatsgodsdienst en ten onrechte is dit vaak beschouwd als een overwinning voor het geloof. Wat een beweging was, verwerd tot instituut. Wij moeten weer terug naar datgene wat de kerk daarvóór, als beweging, was. Het systeem dat het christendom tegenwoordig is, staat die beweging eerder in de weg dan dat zij ons helpt om terug te keren naar de oorsprong.”
Theoloog James Packer vergelijkt in het boek God leren kennen de houding van hedendaagse christenen met die van christenen uit nieuwtestamentische tijden. Hedendaagse christenen zijn dikwijls bang voor de eventuele consequenties van radicale navolging en nemen een risicomijdende houding aan, signaleert hij. Nieuwtestamentische christenen waren minder bezorgd om hun eigen hachje. Ook theoloog Henk Bakker trekt die vergelijking in zijn recente boek ‘Ze hebben lief, maar worden vervolgd’. Radicaal christendom in de tweede eeuw en nu. Christenen in de tweede en derde eeuw zaten regelmatig in de verdrukking en konden soms rekenen op vervolging als zij in woord en daad uitkwamen voor hun geloof. Toch lieten zij zich niet monddood maken en zelfs mogelijk martelaarschap weerhield hen niet van radicale navolging van Christus. Ons geloof, en zelfs het tegenwoordige verlangen naar geestelijke vernieuwing van de kerk, is niet zelden gericht op ons eigen welbevinden: voelen we ons prettig en comfortabel bij ons geloof en wat we er al dan niet bij ervaren? Het lijkt wel of het geloof ons vooral iets moet opleveren, en dat het vooral niet te veel mag kosten
Ook Kierkegaard neemt in de loop der geschiedenis een verslapping in het christendom waar. In zijn dagboek schrijft hij: ,,Toen het christendom verslapte, werd de grote massa van de mensen christen – en nu zitten die christenen er zich over te verwonderen hoe het toch mogelijk is, dat een mens verlost is. En dan krijgen wij als dogma van de stilzittende vroomheid: de predestinatie. In het geheel genomen zou men een onderscheid kunnen maken tussen het existentiële christendom en het stilzittende. Dit laatste maakt het christendom tot een leer, men krijgt ruzies over de leer, over de rechtgelovigheid en ontaardt in fantasterij.”
 
Radicale navolging
De critici bieden voor de kwaal van het moderne christendom wel een krachtig medicijn: verdiep je in het voorbeeld van Jezus Christus en heb de moed om levenskeuzes te maken die je dichterbij dit voorbeeld brengen. Christus is immers niet alleen onze Verlosser, maar ook onze Rabbi die ons voordeed hoe we leven moeten. Deze Rabbi wil niet enkel beschikken over het deel van onze hersenen waar onze religieuze overtuiging huist, maar ook over ons geld, onze tijd, ons lichaam. Jezus wil dat wij ons bestaan volledig aan hem toewijden. ,,Kijk eens naar Jezus’ omgang met tijd, bezit en status”, zegt Van der Lee. ,,Overdag was Hij altijd bezig met mensen en ’s nachts bad Hij op de Olijfberg. Jezus stelde alles wat Hij was en had volledig beschikbaar voor zijn medemens.”
In Volg jij Mij vertaalt Van der Lee dit concreet naar een moderne leefsituatie: ,,Zorg ervoor dat je zoveel mogelijk tijd, energie en geld overhoudt om daarmee de komst van het Koninkrijk te bevorderen. Probeer te vermijden dat je in de situatie komt dat jij en je eventuele levenspartner samen fulltime moeten werken om de hypotheek van je woning op te brengen. Woon simpel, leef eenvoudig en zorg voor een bestedings- en consumptiepatroon waaruit spreekt dat niet jouw genot, genoegen en gemak centraal staan in je leven, maar het leren leven zoals je Meester dit voordeed.” In zijn eigen leven bracht dit voorbeeld hem naar Amsterdam, waar hij werkte onder drugsverslaafden, en later naar Afrika en Azië, waar hij projectmanager was voor onder meer ZOA Vluchtelingenzorg. Maar denk niet dat iedere navolger naar de Wallen of naar Afrika moet, benadrukt Van der Lee. Gods weg met jou kan je ook leiden tot Alpha-kringen in je eigen wijk, of tot het bezoeken van eenzame ouderen. Het gaat om het tonen van de gezindheid van Jezus: zijn levenshouding, zijn levensstijl.
 
Bezitsvermindering
In zijn boek besteedt Van der Lee veel aandacht aan bezitsvermindering. Hij citeert ondermeer moeder Theresa, die zegt: ,,Door het contact met geld verliest men het contact met God”. Een beetje overdreven? Van der Lee meent van niet. ,,Het hoofdthema in de prediking van Jezus is het Koninkrijk van God. Daarnaast is er geen onderwerp waar Hij zoveel over spreekt als geld en bezit. Voor veel christenen is Jezus’ voorbeeld van omgaan met geld en bezit een non-issue. Dat is heel merkwaardig. Ik denk dat we het er gewoon niet voor over hebben om te leven zoals Jezus. We willen geen afstand doen van datgene waaraan we zo verknocht zijn.”
Ook Bonhoeffer waarschuwt in Navolging nadrukkelijk voor de verlammende macht van bezit: ,,Het hart dat hangt aan de goederen, ontvangt met deze de verstikkende last van de zorg. De bezorgdheid zoekt schatten en de schatten brengen weer bezorgdheid. Wij willen ons leven door de goederen veilig stellen, wij willen door bezorgdheid zorgeloos worden; maar in waarheid wordt het tegendeel bewezen. De banden die ons aan de goederen binden, die de goederen vasthouden, zijn zelf zorgen.”
In bezitsvermindering onderscheidt Van der Lee drie fasen. Fase één is de keuze tot bezitsbeperking. ,,Je zegt: ‘Tot zover!’ en koopt alleen nog spullen die noodzakelijk zijn. Hierbij is het handig om in een klein huis te wonen, dan is de verleiding minder groot om het vol te stouwen met allerlei luxeartikelen.’’ Fase twee is bezitsvermindering. ,,Je stelt jezelf de vraag: wat heb ik toch nog verzameld wat niet dienstbaar is aan het volgen van Christus? Alles wat je hebt dat je niet helpt om verder te groeien in Christus, is overbodige ballast.” Fase drie is het leven in bezitloosheid. ,,Voorbeelden van discipelen die leefden in bezitloosheid zijn moeder Theresa en Frans Horsthuis, de Nederlandse katholiek wiens bezit in één rugzak past (zie het interview met Horsthuis in het online-archief van CVKoers, ‘Leven als een dwaas voor Jezus’, red.). Een leven in bezitloosheid betekent niet dat je geen inkomsten hebt, maar dat je zoveel mogelijk inkomsten doorsluist ten behoeve van het Koninkrijk. Alleen het geld dat je nodig hebt voor de meest basale levensbehoeften, houd je voor jezelf. Bij dit alles moet je wel bedenken: bezitsvermindering is geen doel op zich. Het dient ertoe om dichter bij het voorbeeld van Jezus te komen.”
 
Nieuwe reformatie
Van der Lee is niet pessimistisch of gedesillusioneerd over de toekomst van het christendom. Evenmin voelt hij zich een roepende in de woestijn. Integendeel: de vele enthousiaste reacties die hij krijgt op zijn boek, stemmen hem bijzonder hoopvol. ,,Ik krijg dikwijls uitnodigingen om te spreken in gemeenten en op avonden van studentenverenigingen. Naar mijn idee is er veel aan het gebeuren, met name onder jongeren. Kijk naar organisaties als Soul Survivor en Jeugd met een Opdracht. Je ziet daar steeds meer het verlangen om te worden zoals Jezus was. Ik word daar enorm enthousiast van.”
,,In de kerken leeft een groeiend verlangen naar geestelijke vernieuwing’’, constateert Van der Lee. ,,Die geestelijke vernieuwing zal diepgaand kunnen zijn als we terugkeren naar echte navolging van Christus. Als we serieus werk willen maken van discipelschap en bereid zijn door Hem gevormd te worden. Dat is niet de makkelijkste weg, het is misschien wel de allermoeilijkste. Het kan je alles kosten. En dan gaat het óók om hele concrete keuzes, zoals: Hoe ga je om met je tijd en je geld? Voor welke opleiding of werkomgeving kies je? Wat zijn de prioriteiten in je leven? Maar het is ook de beste weg. Christus wil je de leiding en vorming geven die je steeds meer tot je recht laat komen in zijn Koninkrijk. Een hoger doel en een betere bestemming is er niet. Ik ben ervan overtuigd dat we een vernieuwing nodig hebben van eenzelfde grootte en intensiteit als de Reformatie in de zestiende eeuw. Vergeet niet: de Reformatie was een proces van ruim honderdvijftig jaar. Het begon al met Johannes Hus en John Wycliffe. Mogelijk is de nieuwe reformatie nu al aan de gang.”
 
Website: www.letsfollowjesus.nl
 
N.a.v. Hans van der Lee, Volg jij Mij. Hoe je groeit in radicaal discipelschap, Uitgeverij Ark Boeken, Amsterdam 2005, 366 blz. Samen met de Evangelische Hogeschool belegt CVKoers op vrijdag 12 mei 2006 een symposium over o.a. dit boek.
 
Hans van der Lee is ook van de hoofdsprekers op het Impact-congres ‘Geestdrift – Wat bezielt jou?’ . Zie de kortingsaanbieding op www.cvkoers.nl/exclusief.php



Dit artikel is verschenen in CV·Koers april 2006

Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel



AdverterenNieuwsbriefAbonnee wordenContact
© cv·koers 2010

inloggen
e-mailadres:
wachtwoord:
cv•extra dossiers
40 jaar cv•koers
Kerk en postchristendom
In den beginne
De multiculturele samenleving