Stappenplan voor het opzetten van een bevrijdingsteam
kaders:
• De hulpverleningsroute in het kort
• Bidden om bevrijding
• Download intakeformulier
Wat komt er kijken bij het opzetten van bevrijdingspastoraat in de kerkelijke gemeente? Bart Broekman, werkzaam bij de Vrije Baptistengemeente Bethel in Drachten, geeft een vijfstappenplan voor een doordachte praktijk.
Door Bart Broekman
Veel mensen vragen zich af hoe een bevrijdingsteam functioneert. Sommigen zien deze teams als groepjes strijdlustige demonenuitdrijvers die over de bijzondere gave beschikken om boze geesten de stuipen op het lijf te jagen. Mijn ervaring is dat God eenvoudige mensen wil gebruiken die machteloos staan tegenover de boze en daarom hun toevlucht zoeken tot God, van wie ze de macht en het gezag hebben ontvangen om in de naam van Jezus mensen te bevrijden van kwade machten.
Dit artikel maakt deel uit van het dossier Bevrijdings pastoraat
Dit artikel is verschenen in CV·Koers maart 2008
Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel
De praktijk van het bevrijdingspastoraat
kaders:
• De hulpverleningsroute in het kort
• Bidden om bevrijding
• Download intakeformulier
Wat komt er kijken bij het opzetten van bevrijdingspastoraat in de kerkelijke gemeente? Bart Broekman, werkzaam bij de Vrije Baptistengemeente Bethel in Drachten, geeft een vijfstappenplan voor een doordachte praktijk.
Door Bart Broekman
Veel mensen vragen zich af hoe een bevrijdingsteam functioneert. Sommigen zien deze teams als groepjes strijdlustige demonenuitdrijvers die over de bijzondere gave beschikken om boze geesten de stuipen op het lijf te jagen. Mijn ervaring is dat God eenvoudige mensen wil gebruiken die machteloos staan tegenover de boze en daarom hun toevlucht zoeken tot God, van wie ze de macht en het gezag hebben ontvangen om in de naam van Jezus mensen te bevrijden van kwade machten. Een ander beeld – dat helaas door de praktijk gedeeltelijk wordt bevestigd – is dat het vaak gaat om groepen die buiten de setting van de plaatselijke gemeente werken. Vaak is onduidelijk hoe deze bevrijdingsteams functioneren, wat hun uitgangspunten zijn, hoe hun werkwijze is en aan wie ze verantwoording afleggen.
Ik zie het daarom als een geweldig positieve ontwikkeling dat in steeds meer kerken en gemeenten het gebeds- en bevrijdingspastoraat ruimte krijgt om zich te ontwikkelen. Wie hier echter in de praktijk mee aan de slag gaat, wordt onmiddellijk met veel vragen geconfronteerd. Hoe zet je dit pastoraat op en wat is ervoor nodig? Ik geef een kort overzicht van de verschillende onderdelen in de pastorale zorg aan occult belaste personen.
1. De medewerkers
1. De medewerkers
Een bevrijdingsteam begint met het bij elkaar brengen van geschikte medewerkers.
Ik heb meegemaakt dat gemeenteleden werden opgeroepen om zich aan te melden voor het deelnemen aan een bevrijdingsteam als ze erin geďnteresseerd waren. Persoonlijk heeft dit niet mijn voorkeur. In verband met de zwaarte van de bediening kies ik in plaats van een ‘open sollicitatie’ voor de strategie van de ‘gesloten sollicitatie’. Dat betekent dat gemeenteleden worden geselecteerd onder leiding van de kerkenraad, op basis van zorgvuldig bepaalde criteria.
Ik wil de vereisten voor medewerkers niet onnodig zwaar maken, maar op dit terrein moet je volledig kunnen vertrouwen op de integriteit, de loyaliteit en de geestelijke houding van de medewerkers. Ik merk dat in veel gemeenten het gebeds- en bevrijdingspastoraat een eigen leven gaat leiden. Vaak heeft dat te maken met medewerkers die een eigen spoor kiezen. Ze verdiepen zich in dit onderwerp en maken allerlei (theologische) keuzen die invloed hebben op hun werkwijze, zonder daar de (kerken)raad over in te lichten. Dat kan leiden tot een aanpak die afwijkt van de kerkelijke identiteit. Om dit zo veel mogelijk te voorkomen is het goed om aandacht te hebben voor de volgende zaken:
• Geestelijke volwassenheid
Een belangrijk kenmerk voor medewerkers in het bevrijdingspastoraat is dat ze een behoorlijke mate van geestelijke volwassenheid hebben. Het zijn vaak de mensen die al langere tijd christen zijn en bekendstaan als geestelijke voorbeelden in de gemeente. Ze weten hoe ze moeten omgaan met tegenstand en conflicten en hebben een grote liefde voor Gods Woord. Dat moet ook blijken uit hun levenswandel, doordat ze in staat zijn om anderen te bemoedigen en naar hen te luisteren.
• Loyaliteit
Het bevrijdingspastoraat heeft medewerkers nodig die bereid zijn om te functioneren binnen het beleid van de gemeente. Dat betekent dat ze de leidinggevenden erkennen als leider, dat ze loyaal staan ten opzichte van de kerkenraad, dat ze kunnen omgaan met theologische meningsverschillen, kunnen samenwerken met andere medewerkers en pastorale teams, enzovoort. Door hier vooraf duidelijkheid over te krijgen, kun je voorkomen dat er binnen de gemeente een groep ontstaat los van de zorg voor het geheel van de gemeente. Het is zeer verstandig dat de predikant of een bekwame ouderling (voorlopig) de taak van teamleider op zich neemt in een bevrijdingsteam.
• Houding
Van medewerkers in het bevrijdingspastoraat wordt verwacht dat ze bescheiden zijn en nuchter. Hiermee bedoel ik dat ze niet te emotioneel moeten reageren op situaties en niet uit zijn op sensatie (wat kan gebeuren bij demonische manifestaties). Het is daarom goed dat een bevrijdingsteam zo veel mogelijk op de achtergrond werkzaam is. Deze bescheiden en nuchtere houding is belangrijker dan ervaring en kennis.
• Steun
Een taak in het bevrijdingspastoraat gaat niet alleen de medewerker zelf aan, maar ook zijn gezin. De partner moet volledig achter deze bediening kunnen staan.
• Geheimhouding en privacy
Van de medewerkers wordt grote vertrouwelijkheid verwacht. Praten met derden over bevrijdingssessies zonder instemming van de betrokkenen zou onmiddellijk moeten leiden tot een schorsing van deelname aan het bevrijdingsteam. Ieder teamlid behoort bekend te zijn met de geheimhoudingsplicht en moet zorgvuldig omgaan met vertrouwelijke gegevens. Het is belangrijk dat degene die om hulp vraagt dit ook weet. Maak daarom goede afspraken over het bewaren van aantekeningen en formulieren.
2. Hoofdtaken van het bevrijdingsteam
Er zijn enkele belangrijke vereisten om de groep medewerkers te vormen tot een hecht en deskundig bevrijdingsteam.
• Onderlinge bemoediging en gebed
Allereerst hoort er binnen het team ruim aandacht te zijn voor onderlinge bemoediging en gebed. Een bevrijdingsbediening is geestelijk erg zwaar. Ik ben tijdens gebedstrajecten regelmatig aangevallen door satan. Soms lichamelijk, waardoor ik me soms niet eens kon bewegen. Ook kan ik erover meespreken hoe mijn vrouw en kinderen op een beangstigende manier de aanwezigheid van de boze hebben ervaren. Om deze bediening te kunnen volhouden is openheid hierover en gebed voor elkaar erg belangrijk.
• Kennis vergaren
Naast het bouwen aan onderlinge verbondenheid is het voor de medewerkers belangrijk dat ze weten wat hun taken en verantwoordelijkheden zijn, waaruit het onderwijs en de toerusting bestaat, wat voor materiaal wordt gebruikt, wat de werkwijze is van het team, welke procedures worden gevolgd, wat de Bijbel zegt over gebondenheid, hoe de wisselwerking is tussen onze psyche en het bovennatuurlijke en ga zo maar door.
Het is belangrijk om voldoende tijd te besteden aan het vergaren van deze kennis. In onze gebedspraktijk worden we soms opgeslokt door de hulpvragen en het concreet bidden met mensen. Daarom is het goed om elkaar te blijven wijzen op het belang van bijbelstudie, boekbespreking, training en het bezoeken van studiedagen. Ook het uitwisselen van ervaringen en methodieken met andere bevrijdingsteams en professionele hulpverleners is ontzettend verrijkend. Zorg ervoor dat je hier tijd voor blijft nemen!
• Hulp bieden
Het meest zichtbaar voor de buitenwereld is de taak van het team om met mensen te bidden. Een bevrijdingsteam zal, als het zijn werk goed doet, al snel merken dat er een groot aantal hulpvragen komt. Spreek daarom af dat het team eerst hulp biedt aan eigen gemeenteleden. Uiteraard mogen ook gelovigen van buiten de plaatselijke kerk een verzoek indienen, maar dat mag nooit ten koste gaan van de zorg voor de eigen leden. Ook is het goed om bij hulp aan niet-leden zo veel mogelijk contact te leggen met de thuisgemeente van de hulpvrager en/of een bevrijdingsteam daar in de buurt.
• Samenwerking zoeken
Leg goede contacten met een christenpsycholoog en/of christenpsychiater en streef naar een goede samenwerking. Het is belangrijk om veelvuldig te consulteren of door te verwijzen. Organiseer met de samenwerkende professionele hulpverlener(s) een dag(deel) om elkaar op de hoogte te brengen van elkaars theologische en theoretische uitgangspunten en de wijze waarop ieder hulp verleent. Bouw aan onderling vertrouwen en maak duidelijk waar elkaars grenzen liggen en hoe de verschillende disciplines elkaar kunnen aanvullen.
3. Het vooronderzoek
Het vooronderzoek is een belangrijk instrument om te bepalen of er voor iemand wordt gebeden en hoe er wordt gebeden.
Niet alles wat demonie lijkt, is ook demonie. Daarom is een fase van intake ontzettend belangrijk. Hiermee kun je grote fouten en teleurstellingen voorkomen. Het getuigt van grote zorgvuldigheid om niet direct te bidden om bevrijding, maar eerst rustig de tijd te nemen een aantal zaken te onderzoeken.
• Intakeformulier
Een aanvraag kan binnenkomen via een predikant, kerkenwerker of hulpverlener, maar soms wordt er ook een aanmelding gedaan door de hulpvrager zelf of een familielid. In het aanmeldingsgesprek kun je vragen naar de reden waarom iemand hulp vraagt en een eerste oriëntatie doen naar mogelijke occulte invloeden. Maar om de vraag echt serieus te nemen zal er dieper moeten worden gegraven. Dat kan door de hulpvrager een intakeformulier toe te zenden. Dit formulier is bedoeld om meer informatie te krijgen. Het toezenden van zo’n formulier betekent niet dat er ook met de persoon zal worden gebeden. Het is goed om dit duidelijk aan te geven, zodat er geen verkeerde verwachtingen ontstaan. Voor de hulpverlener of de predikant die de hulpvrager naar het bevrijdingsteam heeft verwezen, hebben wij een apart formulier ontwikkeld. (Beide formulieren zijn te downloaden op www.cvkoers.nl, via het kader bij dit artikel op de site.)
• Teambespreking
Beide formulieren worden na terugzending besproken in het bevrijdingsteam. De teamleden vormen een voorlopig beeld van de situatie en besluiten wie het intakegesprek gaat doen. Dat gesprek kan het beste worden gedaan door twee leden van het team. Twee zien meer dan één. Het voeren van een intakegesprek is een kunst op zich. Probeer daarom een ervaren medewerker in te zetten. Ook in de training van de teamleden is het belangrijk om hier veel aandacht aan te schenken.
• Intakegesprek
Naast de hulpvrager wordt ook de eventuele verwijzer uitgenodigd voor een intakegesprek. Door de betrokken hulpverlener, predikant of een familielid erbij te betrekken, laat het bevrijdingsteam zien dat het in alle openheid wil opereren. Ook de zorgvuldigheid neemt toe omdat de verwijzer mee kan denken in het vaststellen van een diagnose.
• Concluderen
Van het intakegesprek wordt een verslag gemaakt dat wordt besproken in het bevrijdingsteam. Op basis hiervan wordt besloten of er meer vooronderzoek nodig is, bijvoorbeeld door een aanvullende intake of door een (christen)hulpverlener erbij te betrekken. Het is een grote winst voor het bevrijdingsteam als er een teamlid is dat over professionele kwaliteiten beschikt (bijvoorbeeld een maatschappelijk werker of psycholoog).
Aan het eind van deze fase zal worden besloten om de hulpvrager al dan niet uit te nodigen voor een bevrijdingssessie. Dit artikel is niet toereikend genoeg om dieper in te gaan op de diagnosestelling en de valkuilen in dit proces. Hiervoor verwijs ik naar een aanvullend artikel op www.cvkoers.nl (Bidden om bevrijding, als kader bij dit artikel op de site).
4. De bevrijdingssessie
Na een zorgvuldig voortraject is dan het moment aangebroken. De hulpvrager wordt uitgenodigd voor een bevrijdingssessie.
Wat kan hij dan verwachten? Dat is moeilijk te zeggen, omdat het verloop van een bevrijdingssessie nooit hetzelfde is. Toch zijn er een aantal stappen die het bevrijdingsteam kunnen helpen om ook in deze fase zorgvuldig te handelen.
• Voorbereiding en kennismaking
Voordat de hulpvrager komt voor gebed is het goed om als team eerder aanwezig te zijn om de bevrijdingssessie in gebed te brengen en de laatste vragen en bijzonderheden door te nemen. De plaatselijke kerk kan een goede locatie zijn. Zorg ervoor dat je op een plek zit waar het, met het oog op eventuele manifestaties, niet te gehorig is.
Het teamlid dat het intakegesprek heeft gehad met de hulpvrager kan hem het beste opvangen als hij in het gebouw arriveert en hem introduceren in het team. Omdat de hulpvrager vaak gespannen is, soms de aanwezigheid van demonische machten ervaart en ineens geconfronteerd wordt met een voltallig pastoraal team, is het belangrijk om ontspannen te beginnen. Bied een kopje koffie aan en vraag geďnteresseerd naar de reis.
• Openingsgebed
Nadat het ijs is gebroken begint het ‘officiële’ gedeelte. Eén van de teamleden gaat voor in gebed. In dit gebed wordt de afhankelijkheid van God benadrukt en zijn volledige heerschappij over heel de schepping, en er wordt gepleit op het reinigende en beschermende bloed van Jezus Christus, de Zoon van de Allerhoogste God.
• Laatste afstemming
Vervolgens legt de teamleider uit aan de hulpvrager hoe de bijeenkomst gaat verlopen. Het is verhelderend en rustgevend voor de persoon om te weten wat hem, stap voor stap, te wachten staat. De teamleden krijgen de gelegenheid om nog enkele vragen te stellen ter verduidelijking van de situatie. Het is ook belangrijk om te weten hoe de hulpvrager zich voelt en wat er op dit moment in hem omgaat. Deze fase is niet alleen van belang om straks gericht te kunnen bidden. Het gezamenlijk gesprek draagt er ook toe bij dat er een vertrouwelijk contact komt tussen de hulpvrager en de teamleden.
• Opstelling
De stappen die hiervoor zijn beschreven duren bij elkaar ongeveer drie kwartier tot een uur. Daarna is het moment aangebroken om te bidden voor bevrijding. Zet tafels en stoelen aan de kant. Het pastoraal team vormt een kring en de hulpvrager kan in het midden plaatsnemen op een stoel. De ruimte is vrij van scherpe of gevaarlijke voorwerpen.
Voor sommige hulpvragers kan deze werkwijze herinneringen oproepen aan seances. Anderen worden bang als ze weten dat het moment van bidden om bevrijding is genaderd. Daarom is het belangrijk om de hulpvrager nogmaals op zijn gemak te stellen door uit te leggen dat deze opstelling geen enkele betekenis heeft, maar puur uit praktische overweging is. En als de persoon liever een andere opstelling heeft, ga daar dan gewoon in mee.
Ook is het goed om te vertellen dat het opleggen van handen op de hulpvrager tijdens het bevrijdingsgebed geen magische of spirituele betekenis heeft, maar meer een uiting is van de betrokkenheid van het team bij de persoon. Vraag toestemming om hem op die manier te mogen aanraken.
• Christus centraal stellen
Het gebed om bevrijding begint met het grootmaken van de Here God door te roemen in zijn machtige daden, waarvan het offer van Jezus Christus het hoogste goed is. Zijn volbrachte werk aan het kruis van Golgotha heeft ons heil gebracht. In het gebed mogen we refereren aan teksten als Kol. 1:13-15 en 2:13-14, Hebr. 4:14 en 10:3, Matt. 28:18 en 1 Joh. 3:8 en 4:4.
• Het aanspreken van boze machten
Daarna gaat het gebed over in het aanspreken van de boze machten. Hierbij gaat het niet om een bepaalde gebedsformule. Omdat we Jezus toebehoren, hebben we van God het gezag en de autoriteit gekregen om de boze geesten te bevelen de persoon los te laten en te gaan naar de plaats waar ze horen: de diepste duisternis. De teamleden noemen namens de hulpvrager de occulte zonden en daden, die eerder door de hulpvrager zijn beleden, en verbreken de macht van deze zonde en de macht van de boze in de naam van Jezus Christus.
• Interactie met de hulpvrager
Tijdens het gebed vindt er voortdurend interactie plaats tussen de hulpvrager en de teamleden. Het is goed dat met hem wordt afgesproken dat hij zegt wat de Heilige Geest hem tijdens het gebed in herinnering brengt (vaak zijn dit niet-beleden zonden, geheimen of verbonden, vergeten herinneringen, enzovoort). Vervolgens kan dit door de teamleden in het gebed onder het bloed van Christus worden gebracht, zodat de hulpvrager bevrijding ontvangt.
Ook letten de teamleden op de houding en reactie van de hulpvrager. Houd dus tijdens het bidden de ogen geopend! (Spreekt de persoon zelf of is het de boze die spreekt? Is de persoon bewust betrokken bij het gebed om bevrijding of is hij afwezig? Hoort de hulpvrager wat er wordt gezegd of worden zijn oren toegestopt?) Het beste is de hulpvrager gewoon een vraag te stellen als je denkt iets op te merken, en zijn antwoord af te wachten.
In dit alles staat als een paal boven water dat Christus Heer en Meester is. Als gebedsmedewerker hoef je daarom ook nooit in paniek te raken, hard te schreeuwen of aan de persoon te schudden. Het gelovige gebed is voldoende om de hulpvrager in de vrijheid te zetten.
• Aan- of afwezigheid van manifestaties
Soms ontstaan er manifestaties (zoals grommen, gillen, spugen, overgeven, spreken van een andere stem, boze ogen, schelden en vloeken). Probeer de persoon als hij agressieve bewegingen maakt in bedwang te houden door de armen dicht bij zijn lichaam te houden, de benen gestrekt te houden en het hoofd te beschermen. Maar soms blijft de hulpvrager zo stil en rustig dat je je kunt afvragen of er wel een bevrijding heeft plaatsgevonden. Het verloop van een sessie is heel verschillend. De ene keer verdwijnt de boze met ‘stille trom’ en de andere keer roert hij flink zijn staart, omdat hij weet dat zijn einde nabij is. Maar bevrijding is niet af te lezen aan lichamelijke uitingen. De zekerheid van bevrijding ligt altijd in het gebed dat is uitgesproken in de naam van Jezus.
• De hulpverlener bidt
Zoals gezegd blijft de hulpvrager niet passief. Er vindt voortdurend interactie plaats. Op sommige momenten is het goed om hem zelf te laten bidden om iets te belijden of te proclameren. Vaak is het nodig om als medewerker het gebed voor te bidden zodat de persoon het kan nabidden. Hetzelfde geldt voor het gebed aan het eind van de bevrijdingssessie als de hulpvrager God dankt voor zijn bevrijding. Dat gebed is daarmee ook een belijdenis waarin de hulpvrager zo veel mogelijk met eigen woorden de naam van Jezus aanroept, Hem erkent als Heer en Heiland in zijn leven. Soms wil satan dit belemmeren. In dat geval mogen we de boze duidelijk maken dat hij geen enkele aanspraak meer op de persoon kan maken.
• Dankgebed door het bevrijdingsteam
De bevrijdingssessie eindigt met een dankgebed door het team en het verzoek aan de Here om de hulpvrager te vullen met zijn Heilige Geest en hem krachtig bij te staan in de vervolgstappen die worden gezet.
5. Nazorg
Tot slot komen we aan bij de ‘nazorg’ als het laatste onderdeel van het bevrijdingsproces.
Vaak denken mensen hier niet aan, maar dit onderdeel is zo belangrijk dat ik zelf nooit met iemand zal bidden om bevrijding als hij niet bereid is om nazorg te ontvangen.
Na het gebed zetten we tafel en stoelen terug en schenken een kopje koffie in. Nadat iedereen tot rust is gekomen en de hulpvrager heeft kunnen vertellen over wat hij heeft ervaren, spreken we over de nazorg. Deze nazorg moet zo veel mogelijk plaatsvinden binnen het kader van de liefdevolle zorg van de eigen kerk of gemeente. Soms heeft de hulpvrager nog professionele hulpverlening nodig om te werken aan beschadigde emoties of psychisch en sociaal herstel. De geestelijke nazorg kan door het bevrijdingsteam worden opgepakt, maar de ervaring leert dat een gebedsmedewerker al snel ‘vol’ komt te zitten. Bidden met mensen en tegelijkertijd de nazorg doen is tijdsintensief en ook geestelijk erg belastend. Maak hier daarom goede afspraken over.
• Contactpersoon aanstellen
Het is wel goed dat er aan het eind van de bevrijdingssessie duidelijk is welk teamlid de komende weken (telefonisch) contact onderhoudt met de hulpvrager. Meestal is dit iemand die ook de intake heeft gedaan. Zo blijft het team op de hoogte van de ontwikkelingen, het verloop van de nazorg, en kan het gericht blijven bidden voor bescherming, herstel en groei van de hulpvrager.
Hiermee heb ik in grote lijnen het functioneren van een bevrijdingsteam beschreven. Ik ben me ervan bewust dat deze informatie mensen die nadenken over het opzetten van een bevrijdingsteam, schrik kan aanjagen. Je moet met veel dingen rekening houden. Sommige zaken heb ik nog niet eens benoemd, bijvoorbeeld het breed onderrichten van de gemeente op dit gebied via een prekenserie.
Maar laten we ook hierin realistisch en nuchter blijven. De beste manier is om gewoon te beginnen en met vallen en opstaan je eigen manier van functioneren te vinden. Want wat ik hier beschreven heb, is een manier, niet per definitie de juiste manier. Eén ding is zeker: in dit proces zul je versteld staan van de grootheid en de almacht van onze God. En dat wil je toch niet missen?
Bart Broekman is verbonden aan de Vrije Baptistengemeente Bethel in Drachten. Hij geeft leiding aan de raad van oudsten, is betrokken bij de ontwikkeling van het beleid en de organisatie in de Bethelgemeente en begeleidt daarnaast als coach en adviseur diverse kerkenraden en voorgangers.
Dit artikel maakt deel uit van het dossier Bevrijdings pastoraat
Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel
