forum
"Een Paars kabinet is geen drama"
Mee eens
Niet mee eens
Geen mening
Stem
Vorige forums
Deel 1: Hoe geloven postchristelijke zoekers?

Zoeken naar de onbekende god


kaders:
Tweeluik
Niet kerkelijk maar spiritueel
Boeken en sites
In onze cultuur heeft zich een postchristelijk geloof ontwikkeld dat christenen al snel afdoen als een onlogische mix van religieuze stromingen. Maar zoals zendelingen zich verdiepen in de cultuur en de godsdiensten van hun werkterrein, zouden ook wij deze postchristelijke godsdienst moeten leren kennen. Gemeentestichter Daniel de Wolf schetst de contouren van een nieuwe religie.

Door Daniel de Wolf


Zoeken naar de onbekende god
Een gewone dag uit mijn leven, begin 2007. Ik sta op, neem mijn ontbijt en zet even later de tv aan. MTV brengt een uitgebreid item over de spirituele interesses van celebrities. Tom Cruise en Scientology, Christina Aquilera en hindoeïsme, Madonna en Kaballa. Interessant.
Dan ga ik naar mijn werk. Ik heb gesprekken met een moslim, een atheïst, een katholiek die mediteert, een vrouw die visioenen ziet, een man die gelooft dat als je eierschalen in een plantenbak doet, je ziekte voorkomt, en een christen die ‘de kerk’ verlaten heeft en nu in een huisgemeente zit. Leerzaam. Later, in de auto, hoor ik een nummer van de populaire rapgroep Black Eyed Peas. Father, Father, help us, send some guidance from above / cause people got me questioning Where is The Love?’’, zingen ze. Inspirerend.
Ik loop even langs de videotheek waar ik in de uitverkoopbak een horrorfilm over de antichrist, de new-agefilm De Celestijnse Belofte, de zendingsfilm End Of The Spear en de blockbuster Miami Vice naast elkaar zie liggen. Grappig.
Thuisgekomen tref ik in de brievenbus een klein, gedrukt briefje aan waarop mij beloofd wordt dat mijn toekomst voorspeld en beïnvloed kan worden door één of andere sjamaan. Irritant. ’s Avonds lees ik nog een hoofdstuk uit De Strijders van het Licht, een boekje van de religieuze bestsellerschrijver Paulo Coelho waarin ik bezig ben. Boeiend. Een gewone dag…
 
Het tempo waarin Nederland verandert, is nauwelijks bij te benen. En het zijn niet het minst ontwikkelingen die met religie en geloof te maken hebben. Rapporten van WRR en SCP geven een alarmerend beeld van verdere kerkverlating. Tegelijkertijd reppen ze over de terugkeer van religie in Nederland. Madonna gaat in de Arena aan een kruis hangen. In de bioscoop wordt het sterven van Jezus expliciet in beeld gebracht. Op tv wordt heftig gediscussieerd over de fundamentalistische trekjes van moslims en christenen. Ondertussen belandt de ChristenUnie in de regering.
Wat gebeurt er toch allemaal? Of misschien moeten we vragen: wat ís er gebeurd? Onze westerse cultuur heeft een enorme omwenteling gemaakt. Van een moderne samenleving veranderen we steeds meer in een postmoderne samenleving. Dat Nederland niet meer het godvrezende landje is waar hardwerkende, nuchtere calvinisten volgens bijbelse normen en waarden hun levens indeelden, wisten we wel. Sinds de seksuele revolutie lijkt alles aan het rollen gegaan. Maar wat toen nog uitzondering was, is nu regel geworden. De droge logica van de twintigste eeuw heeft plaatsgemaakt voor het chaotische gevoel van de eenentwintigste eeuw.
Eeuwenlang werd ons denken gestempeld door de Verlichting. De moderne manier van denken was die van de ratio. We geloofden in logica en wetenschap - wat bewezen of beargumenteerd was, was waar. Het positivisme overheerste: we waren met z’n allen toch verstandig genoeg om de wereld te veranderen?
Het waren ook de eeuwen van de ideologieën. We geloofden nog in grote verhalen en volgden leiders die intelligent, visionair en welsprekend waren. Maar tegelijkertijd vormde het verlichtingsdenken een bedreiging voor de grote religies. Alles wat wij geloofden, werd ‘ontmythologiseerd’. De ratio kon God niet beredeneren en zo seculariseerde het gekerstende West-Europa en liep de kerk leeg.
 
Het nieuwe geloven
Maar - zoals Bob Dylan al zong - The times they are a-changin. Want de postmoderne mens denkt helemaal anders. Voor hem hebben de grote verhalen afgedaan. Er bestaat geen absolute waarheid. Je kunt hoogstens een stukje waarheid vinden, dat net zo waar is als de waarheid van de ander. Alles is relatief. De postmoderne mens baseert zijn overtuiging vooral op ervaring en gevoel. Hij laat zich inspireren door mensen die integer en authentiek overkomen, en niet door afstandelijke autoriteiten. En die inspiratie laat zich gemakkelijk vinden. Hij hoeft zich alleen maar mee te laten slepen in de eindeloze stroom van ideeën, gedachten, beelden en geluiden die onze beeldcultuur over hem uitstort.
En die postmoderne mens gelooft weer. Hij staat, meer dan de moderne mens, open voor religie. Hij redeneert het hogere niet weg, maar is juist op zoek naar het beleven van spiritualiteit. Hij shopt er lustig op los in de religieuze supermarkt en stelt zijn eigen geloofspakket samen. Net zoals hij surft over internet, zapt hij langs allerlei verschillende stromingen en pakt daar de zaken uit die hem interesseren. Het aanbod is groot, want religie is overal: van cyberdominee tot zenmanagement en van spirituele dating tot chakra-reiniging. De postmodernist ziet zichzelf als een reiziger die op zijn religieuze reis naar de waarheid van alles uitprobeert, zonder de illusie te hebben dat hij dé waarheid zal vinden. Hij brandt een kaarsje, hij verzinkt in meditatie, hij bezint zich in een stiltecentrum.
 
Als een christen zijn postchristelijke buurman wil snappen, zal hij dit postmoderne denken beter moeten leren begrijpen. Gemakkelijk is dat niet. Want voor de christen lijkt die postchristelijke religiositeit niet meer dan een goedkoop samenraapsel van allerlei stromingen en gebruiken. Zo’n ratjetoe kun je toch niet serieus nemen? Maar de postmodernist heeft daar maling aan: waarom zou de ratio het laatste woord hebben? Wat de moderne mens ziet als een onmogelijke mix van opvattingen, is voor de postmodernist het mooie resultaat van zijn blijvende zoektocht door het leven.
De postmodernist wil respect opbrengen voor iedereen die hij ontmoet op zijn tocht, maar hij ergert zich mateloos aan mensen die onbeschaamd overtuigd zijn van hun eigen gelijk. Veroordeel je zijn manier van denken, dan veroordeel je zijn ervaring en daarmee zijn persoon. Christenen zijn al te gauw geneigd dat te doen en dat maakt het gesprek met de buurman er niet makkelijker op. Zoals een zendeling zich verdiept in de vreemde cultuur van een nieuw land, zo zou een christen het veranderde denken moeten onderzoeken en op waarde moeten leren schatten. Want als je wat beter kijkt, ontdek je dat het geloof van die buurman helemaal niet zo ongrijpbaar en chaotisch is.
 
De onbekende god
Wat zijn de kenmerken van het geloof van deze ongebonden spiritueel?
 
Hij gelooft in de onbekende god. God heeft geen gezicht. Hij is een kracht, een gevoel, een bron. Geen persoon, maar wel heel persoonlijk. Je creëert hem zelf tijdens jouw zoektocht naar vervulling en verdieping. God is niet vastomlijnd en helder, want dan zou jouw beeld van hem andere beelden uitsluiten. Nee, jij ziet een stukje van hem, zoals de ander weer iets anders ontdekt.
 
Zijn waarheid is dat de waarheid relatief is. De postmoderne mens heeft een antenne voor het bovennatuurlijke, maar hij heeft een hekel aan fundamentalisme. Zijn visie is dat iedereen overal een deel van de waarheid kan vinden, maar dat niemand de waarheid in pacht heeft. De geschiedenis leert hem dat absolute systemen alleen maar ellende veroorzaken. Kruistochten, heksenjachten, inquisitie, slavernij, apartheid: is het niet allemaal te wijten aan het christendom? De ideologieën van Hitler, Stalin, Mao en Pol Pot hebben een spoor van vernietiging achtergelaten. In naam van deze waarheden zijn er zo veel mensen kapotgemaakt dat de postmoderne mens de waarheid graag relatief en klein houdt. ‘Ik geloof voor mezelf en ik val jou daar niet mee lastig.’
 
Hij gelooft in dat wat hij beleeft. Geloof is niet iets van letterlijke dogma’s en droge waarheden, maar van beleving, van ervaringen. Niet het woord, maar de daad. De postmoderne mens staat open voor alles wat werkt. Het medium Char, ufo’s, natuurgodsdiensten, hekserij, het kan allemaal. Het georganiseerde christendom laat hij links liggen, maar Jezus als inspirerende wereldverbeteraar trekt hem wel. Hij verafschuwt de Rooms-Katholieke Kerk als instituut, maar heeft wel wat met het branden van kaarsjes. Hij vindt de ideeën van de ChristenUnie belachelijk, maar kan wel waardering opbrengen voor de inbreng van André Rouvoet. Geen systemen, maar mensen. Zoals popzanger Elton John het recent zei: ,,Ook al heeft religie geweldige kanten, ik zou het totaal willen verbieden. Ik hou van de leer van Jezus Christus en alle prachtige verhalen, waar ik van hield op zondagsschool. (…) Maar de realiteit is dat georganiseerde religie niet lijkt te werken. Het verandert mensen in haatdragende lemmings en het is niet echt meedogend.’’
 
Goed en kwaad is niet absoluut. Als er geen absolute systemen meer bestaan, zijn er ook geen vaststaande normen voor wat goed en fout is. Voor de postmodernist zijn goed en kwaad vloeiende begrippen. Samen houden ze de wereld in balans. Tegelijkertijd wordt het ‘goede’ heel persoonlijk ingekleurd. ‘Goed’ is dan vooral dat wat voor jou goed voelt - ‘als het goed voelt, kan het niet slecht zijn’. Vrijheid - voor jou en voor de ander - is daarbij het hoogste goed.
 
A God-Shaped Hole
Volgende maand gaan we in op de vraag hoe de kerk deze generatie tegemoet kan treden. Want wat is nog goed nieuws voor deze zoekers? Hoe communiceren wij Jezus, die claimt dé weg, dé waarheid en hét leven te zijn? Voor de postmoderne mens is eerlijkheid het hoogste goed. Misschien ligt het antwoord op deze vraag wel eerst en vooral in de authenticiteit van Jezus-volgers. Echtheid spreekt de zoeker aan.
Bono, de zanger van U2, heeft het soms over ‘a God-shaped hole in my heart’. Misschien is dat uiteindelijk wat de zoeker voortdrijft: een gat in zijn hart. Hij zal het zelf omschrijven als een zoektocht naar zijn eigen identiteit, naar geluk.
De postmodernist wil een intense ervaring, het liefst extase. En wie weet probeert hij Jezus ook wel uit. Jezus is niet consumentvriendelijk, maar Hij belooft wel dat zoekenden zullen vinden. Paulus zou het misschien zo zeggen: ,,Nederlanders, ik heb gezien hoe buitengewoon godsdienstig u in ieder opzicht bent. Wat u vereert zonder het te kennen, dat kom ik u verkondigen.’’ Augustinus had het - zestien eeuwen geleden - al over die rusteloze ziel die rust vindt in God. De onbekende God, die zich wil laten kennen.
 
Daniel de Wolf geeft fulltime leiding aan Thugz Church in Rotterdam, een gemeentestichting die gericht is op mensen aan de rand van de samenleving en die met name Antillianen bereikt. Over zijn ervaringen in Rotterdam schreef hij ‘Jezus in de Millinx. Woorden én daden in een Rotterdamse achterstandswijk’ (Kok Kampen, 2006).



Dit artikel maakt deel uit van het dossier De missionaire gemeente

Dit artikel is verschenen in CV·Koers april 2007

Naar boven | Reageer op dit artikel | Mail naar vriend(in) | Print dit artikel



AdverterenNieuwsbriefAbonnee wordenContact
© cv·koers 2010

inloggen
e-mailadres:
wachtwoord:
cv•extra dossiers
40 jaar cv•koers
Kerk en postchristendom
In den beginne
De multiculturele samenleving